Fiets

‘Intensief’ sporten en je hart

Het was onlangs in het nieuws: dat ‘intensieve’ duursport slecht is voor het hart en vaten van 35+’ers. Daar was een boel over te doen. In mijn omgeving hoorde ik bijvoorbeeld al iemand commentaar hebben op intensieve intervallen, er werd gespeculeerd over hoe veel uren dan ‘intensief’ zou zijn, en over de vraag of het vooral hardlopers zou betreffen (want hogere hartslag) of fietsers (want meer uren).

Nou ben ik geen arts en ik ken het onderzoek niet uit eerste hand, dus ik schrijf deze post met voorzichtig voorbehoud – dit is een disclaimer. Maar met wat ik er wel van weet, door erover te lezen voor mijn boek en uit eigen belang (lichte hartritmestoornis) valt het wel mee. Het zit voor zover ik weet zo dat ‘intensief’ hier wil zeggen: veel uren en dan altijd hard, harder, hardst. Denk aan topsporters (al worden die tegenwoordig wel beter begeleid, denk/hoop ik) en aan de stoerderiken van ‘nooit onder de 30 gemiddeld’, ‘rustig lopen kan ik niet’, ‘altijd tot het gaatje gaan’, ‘het doel van trainen is uitgeput raken’, enzovoort.

Anders gezegd: het gaat om overmatig sporten, vaak voortkomend uit mateloosheid of dwangmatigheid, zoals bij een sportverslaving. In combinatie met onvoldoende rust en herstel; in combinatie met ook nog eens overmatig werken bijvoorbeeld. Het gaat om niet luisteren naar je lichaam, dat heus wel signalen geeft dat het te veel is allemaal. Om roofbouw dus. En dat jarenlang. Dat kun je inderdaad beter niet doen, en dat is nogal wiedes.

Het gaat dus níet om goed gedoseerde intensieve intervallen en wedstrijden. Dat is af en toe juist goed, ook als je ouder wordt: gebruiken, dat hart en die spieren! Het gaat ook niet simpelweg om een bepaald aantal uren per week. Als je de vele uren in grote meerderheid rustig houdt (zoals bij het 80-20-principe van gepolariseerd trainen), zorgt voor voldoende rust en herstel, én goed voor jezelf zorgt, is er niets mis met veel sporten en soms hard. Sterker nog: volgens sommige theorieën zijn we daarvoor gemáákt, in de zin van: er evolutionair aan aangepast.

De crux zit dus heel erg in het woord intensief, dat in het bericht (‘overmatig’) anders gebruikt wordt dan bijvoorbeeld in de trainingsleer (‘boven je omslagpunt’).

Dat is zoals ik het begrepen heb (maar ik herhaal hier m’n disclaimer).

Wat er dan nog bijkomt, zo begreep ik, is de nodige ‘bias’: vertekening van de voorstelling van zaken. In de eerste plaats, bijna onvermijdelijk, in het onderzoek. Dat is mogelijk hartafwijkingen op het spoor gekomen die niet ‘klinisch relevant’ zijn. Ze hebben naar een boel sporters gekeken, en dan vinden ze er relatief veel met iets afwijkends aan hun hart. Maar mogelijk kunnen die daar gewoon de 100 mee halen, zonder klachten. Zonder dat onderzoek zouden die afwijkingen niet aan het licht gekomen zijn. In het NOS-bericht zit dat een beetje verstopt aan het einde: als sporter moet je je laten controleren op de ‘gewone’ oorzaken van hartziekten, zoals bloeddruk, suiker en cholesterol. Daaraan overlijden mensen wél voortijdig. Maar dat is nou net iets heel anders als wat ze bij die onderzochte sporters aantroffen: hartritmestoornissen en verkalkte kransslagaderen.

De andere bias is die van de media. Die lijken altijd wel erg gretig te duiken op negatieve berichtgeving rond sporten. Wordt er iemand onwel bij een loop, dan haalt dat de voorpagina. Ik denk altijd dat dat te maken heeft met geruststelling voor de vele niet-sporters onder de lezers en misschien ook wel onder de journalisten: zie je wel, ik doe het goed, ik hoef niet meer te sporten (waar ik een hekel aan heb/geen zin in heb/niet aan toekom).

Ik herhaal nog een keer m’n disclaimer. Maar één ding hoef ik niet te disclaimen, namelijk het belangrijke advies in het artikel: ga bij plotseling en niet anders verklaarbaar prestatieverlies altijd naar de dokter. Tussen de regels door staat er ook nog een ander advies: waan jezelf niet onkwetsbaar. Die hoor ik ook wel: de overtuiging dat je gezond bent omdat je sport. Zo is het zeer zeker ook niet…

 

Door |2026-04-30T19:30:42+02:0014 mei 2026|Fiets, Loop, Trainer, Triathlon algemeen|0 Reacties

Lastige spulletjes

Ik had onlangs een paar lastige aankopen, in de zin van: gepaard gaand met zoeken, twijfelen, wikken en wegen. Ik schreef hier al dat m’n sporthorloge stuk was, na 6 jaar trouwe dienst – is dat lang genoeg eigenlijk, is dat wat je mag verwachten? Ik heb nog contact gehad met de klantenservice van Polar en het op hun advies een tijdje in een sopje laten weken (in een voerbakje van hamster Taco!).

Maar dat hielp niet, en eerder de naaimachineolie ook niet. Het is echt mechanisch stuk en dat is niet te repareren. Einde oefening. En de Vantage M is niet meer verkrijgbaar.

Nou stel ik enerzijds hoge eisen aan een sporthorloge: het moet al m’n sporten fatsoenlijk registreren, inclusief triathlons. Dat betekent dat het een multisporthorloge moet zijn. Waaraan een sensor te koppelen is om m’n vermogen op de fiets te meten. Daarbij moet het dan ook nog niet al te lomp zijn, op mijn dunne pols.

Anderzijds wil ik juist een heleboel dingen niet die horloges tegenwoordig wel kunnen. Ik wil er niet mee naar muziek luisteren, berichten erop lezen of ermee betalen. En ik wil ook niet dat mijn horloge me vertelt hoe ik me voel (herstel, slaap) of wat ik moet doen (trainingsprogramma’s). Of dat het de dokter vervangt (ECG-meting enzo). Daar wil ik dus ook allemaal niet voor betalen. (Over het nadeel van al dat tellen en meten enzo van horloges en aanverwanten las ik overigens onlangs een geweldige column: het is de doodsteek van vreugde).

Het was handig om Polar trouw te blijven, vanwege het platform. En m’n Vantage M is goed bevallen, misschien op het zwemmen na: in het zwembad altijd baantjes te weinig, en in het open water te veel afstand. Maar daar kan ik wel mee leven.

Zo kwam ik uit op een Polar Pacer, mooie aanbieding van de MediaMarkt (zo’n € 40 minder dan waar-ie nu voor te koop staat daar). Wit weer, en o, wat lijkt het op m’n oude Vantage! De bediening is hetzelfde en ik kon een boel gegevens in één klap importeren. Instellen was zodoende een fluitje van een cent. Ik moest ‘m nog wel wat dingen afleren (zoals m’n slaap meten), maar al met al is het zo een redelijk smooth overgang.

Het horloge doet het goed. Het lijkt erg op de Vantage – inclusief het matige banen tellen helaas, maar daar zit ik niet erg mee. De batterij gaat duidelijk langer mee, dat is fijn. Wel moet ik in de app gedetailleerde grafieken over m’n verbranding negeren. Dus dat ik bij het zwemmen 1 % eiwit zou hebben verbrand, haha. Dat soort metingen zijn buiten het laboratorium een totale slag in de lucht, en wat dan nog: kan je niks mee. Maar dat is in de app; het horloge zelf heb ik zo kunnen ‘dresseren’ dat ik, beter dan bij het oude, geen dingen in beeld krijg die ik niet wil.

 

Lastiger was het verhaal schoenen. Ik ben al een tijdje op zoek naar nieuwe fietsvakantieschoenen. De oude (links op de foto hieronder) zijn afgetrapt, na meer dan 10 jaar gebruik: de zool komt los van het bovenwerk. Het lastige aan fietsvakantieschoenen is dat ik er enerzijds lang op moet kunnen fietsen, ook onder zware omstandigheden (klimmen, hitte), en dan ik er anderzijds ook een beetje fatsoenlijk op moet kunnen lopen. Niet lang, maar wel genoeg om boodschappen te doen en even rond te kijken in een stadje ofzoiets. Mijn voeten zijn nogal prinsesjes op de erwt en helemaal beoordelen kan ik schoenen pas als ik ze goed heb beproefd.

In december kocht ik de blauwe, 2e van links. Ik bleef erover twijfelen. Wat in de winkel hun sterke punt was (veel steun), was in de praktijk ook  hun zwakte: net wat beperkend/benauwend. Toen ik tijdens een wat langere testrit brandende voetzolen kreeg, wist ik: ik moet verder zoeken.

Zodoende gingen manlief en ik naar de Fietsvoordeelshop in Goes. Die stopt met het sportieve segment en heeft daarom een serieuze ramsj: 75 % korting, en op de roze (3e) zelfs nog meer omdat die een beetje beschadigd zijn. Samen kochten we 3 paar schoenen, een helm en een Ortlieb boodschappentas voor € 150, de nieuwprijs van de rechterschoenen!

Blij mee, maar ik moest ze nog wel beproeven natuurlijk. Helaas… Van de zwarte kreeg ik op een langere rit hartstikke zere voeten: brandende voetzolen en pijn. De roze fietsen goed maar doen pijn als ik loop, zelfs al is dat maar een paar stappen. Die pijn is in beide gevallen op die uitstekende knokige stukjes van m’n voeten, zie pijl. Dat is eerder ook wel eens een probleem geweest, maar het lijkt wel alsof die plekken gevoeliger worden. Ik weet dat je bij het ouder worden, en zeker als vrouw, ‘kussentjes’ verliest onder je voeten waardoor die kwetsbaarder worden, misschien geldt dat voor de zijkant ook? En heb ik daardoor ook  meer last van voetenbranden?

Lastig. Ik heb vervolgens hulp gezocht van een schoenmaker in Goes, waar ik eerder ook al m’n hardloopschoenen succesvol had laten oplappen toen daar een teennagel doorheen ging piepen. Die heeft m’n oude schoenen gerepareerd, dat was spannend maar het ging toch nog net, en de roze opgerekt precies op de plek van die knokige botjes. Ook dat is geslaagd, en sindsdien heb ik keuzestress: ik kan kiezen uit twéé paar schoenen! Nouja, ten opzichte van net ervoor is dat een luxeprobleem.

En toen kwam de buurman ineens ook nog met een tip voor winterschoenen. Die sluimeren al jaren op m’n verlanglijst ergens, en zeker als ik nog eens een Festive 500 wil doen, is het toch echt verstandig. Desalniettemin was het er nog nooit van gekomen; ook dit leek me een lastige aankoop. De buurman zag die NW-schoenen en vertelde dat hij net van dat merk winterschoenen had gekocht bij Futurum, met een mooie korting. Nu is het moment daarvoor natuurlijk, ook al gebruik ik ze dan de eerste maanden niet. Ik heb de zijne gepast en op basis daarvan mijn maat gegokt (ik durf amper schoenen te kopen zonder te passen, het is zo’n gok, en aan terugsturen heb ik een hekel). Goed gegokt, blij mee! Althans, voorlopig. Ik heb ze nog niet beproefd, dat komt komende winter pas.

 

 

Door |2026-04-30T19:28:10+02:006 mei 2026|Fiets, Triathlon algemeen|0 Reacties

Seizoensdoel bereikt!

Ik heb vanaf januari mijn krachttraining voor het fietsen opgebouwd naar hetzelfde niveau als in de twee zomers met tijdritten als hoofddoel (2023 en 2024). Vandaag heb ik dat bereikt.

Dat wil zeggen dat ik met zo’n 18 kilo in een rugzak op m’n rug 3 setjes van 20 squats doe (met net iets verschillende posities: benen tegen elkaar, benen recht onder m’n heupen, en lichte spreidstand; foto links), afgewisseld met twee setjes van 40 lunges. Daartussenin doe ik dan voor de core stability nog 3 oefeningen  voor m’n heupen, zonder die rugzak maar met dynaband: 2X40 sidesteps en een oefening waarvan ik de naam  niet weet: op 1 been staan en het andere been naar buiten bewegen, 100 keer, dan andere been (zie foto rechts). Kost alles bij elkaar zo’n 10 minuten.

Het opbouwen ging probleemloos. In het begin was het zwaar voor mijn knieën en als ik eens een weekje oversloeg, had ik daarna weer lichte spierpijn. Gaandeweg ging het steeds makkelijker.

Dit is hoe ver ik thuis kan komen en het is ook wel genoeg. Het is immers voor mij geen doel op zich om loeisterke benen te kweken. Het is nu vooral belangrijk om te gaan werken aan de transfer van die kracht naar hard fietsen!

 

 

Door |2026-04-29T16:50:41+02:0028 april 2026|Fiets|0 Reacties

Vergeven?

Ik eindigde m’n blogpost zaterdag met:

(Ik hoop wel dat de verkoudheid me de stevige inspanning vergeeft.)

Uh, nou… het kan toeval zijn natuurlijk, maar de nacht van zaterdag op zondag heb ik maar weinig geslapen doordat ik veel lag te hoesten. Uiteindelijk lukte het me om mezelf met paracetamol en een borrel knock-out te slaan, maar toen was het wel al tegen 2 uur. Pfff…

Desalniettemin voelde ik me zondag beter, nouja, wel slaapgebrek, maar minder verkouden. Maandag nog beter, en toen had ik wel zin in een lekker stukje fietsen. Dat werd 65 kilometer, met koffie bij een vriendin in Middelburg. Beetje snotterig nog, beetje hoesten, maar ook lekker. Zulk mooi weer, en de perenboomgaarden bloeien.

Alleen lag ik toen de volgende nacht wéér te hoesten. Dinsdag speelde het slaapgebrek me dan ook echt parten. Dus terug naar het voorzichtige regime van wandelen en yoga, en vandaag rustig zwemmen.

Inmiddels is het echt wel beter, maar ik snotter nog steeds wat. Best een langdurige, deze verkoudheid, ik zit op dag 11 nu.

Wat ik me nu dus afvraag: was dat nachtelijke hoesten een gevolg van het sporten? Ik heb dat sowieso wel meer, maar nu is het wel frappant. Ik kan me er wel wat bij voorstellen, iets van dat het ‘hardere’ ademhalen m’n luchtwegen extra irriteert.

Dus, vergeven? Ik weet het niet. Gelukkig niks ergers aan overgehouden dan wat slaapgebrek.

 

Door |2026-04-09T19:23:19+02:009 april 2026|Fiets, Loop|0 Reacties

Een goede warming-up, steeds belangrijker?

In een (verder ook interessant) stuk over de grote en toenemende hoeveelheid prestatiegegevens in de sport zegt fysioloog Mike Tipton over ouder worden:

Het andere dat ik heb geleerd te ‘voelen’ is dat het begin van een rit of wedstrijd echt zwaar is, dus neem nooit een beslissing om te stoppen of door te gaan vóór minstens tien minuten. Het voelt gewoon zwaarder dan toen je twintig was. Maar er is een fysiologische reden voor: de snelheid waarmee je zuurstofsysteem op gang komt, is veel trager naarmate je ouder wordt. Het duurt even voordat je een steady state bereikt. Tot die tijd is het een strijd.

Ik herkende dat niet meteen. Ik dacht wel meteen: hmm, daar heb je er weer zo een, die de leeftijd de schuld geeft van alles wat niet lekker gaat. Tipton begint zijn ervaring met ouder worden namelijk met ‘Er zijn niet veel voordelen aan ouder worden’. Ik weet: mensen met een negatief beeld van veroudering vergroten het effect daarvan uit.

Maar misschien maak ik het wel te klein? Want ik heb het wel vaker gehoord, van die tragere start van je zuurstofverwerking. Misschien zit er wel wat in. Ik ben er daarom sinds het verschijnen van het stuk, nu twee maanden geleden, op gaan letten. Ik kan er nog steeds niet zo veel over zeggen, maar ik ontdekte wel dingen die met warming-up te maken hebben.

Dat ik er niet zo veel over kan zeggen, heeft te maken met hetzelfde verschijnsel als waar ik over schreef in het kader van de vraag of ik nu slechter herstel dan toen ik jonger was: het gaat om te veel variabelen, leeftijd is er daar maar 1 van en die kan ik niet isoleren. Afgelopen zondag kwam ik moeizaam op gang, maarja, het was de derde dag met zware intervallen op rij, wat wil je? Uiteindelijk wel heel lekker gelopen.

Een andere factor is kou. Ik weet al lang dat ik in kou moeilijk op gang kom. Dat geldt zowel voor het starten met de training als voor het starten van de intensievere gedeeltes. De koude lucht slaat dan soms op m’n luchtwegen en ik kan zelfs iets krijgen wat op inspanningsastma lijkt, met gepiep. Als het heel koud is, kan ik ook last hebben van stijve benen. Ik merk het vooral bij lopen, maar deze winter ook bij de intervallen in Zwift – mijn spinningfiets staat buiten. Ik was een keer pas tegen het eind van de training echt helemaal op gang, en net toen verscheen er in het scherm iets over ‘je zult de vermoeidheid nu wel gaan merken’. Dat was wel een momentje waarop ik dacht: hmm, misschien kom ik inderdaad langzamer op gang dan vroeger, of dan gemiddeld? Maar niet iedereens Zwift-fiets staat in de vrieskou natuurlijk.

Het is trouwens geen groot probleem. Een rustige, lange warming-up helpt. Het went, en dat doet het ook in de loop van de tijd. Het was deze winter wat langer achter elkaar koud, en ik kwam steeds makkelijker op gang. Laatst liep ik nog een keer in een koude wind, en door de tussenliggende zachte periode was m’n gewenning weer teniet gedaan. Piep-piep-piep.

Nog een andere factor is de trainingsopbouw. In Zwift is die soms te abrupt van warming-up naar intensief interval, zoiets:

Start van een intervaltraining, te leveren vermogens: geleidelijk van grijs (extensief) naar blauw (rustige duur) en dan in één klap naar rode pieken (boven FTP).

Bij zo’n opbouw duurt het drie intervallen voor ik echt mee kan doen; de eerste komt loodzwaar binnen. Geen idee of dat vroeger ook zo was, toen deed ik dit soort dingen niet. Ik zwiftte niet, en nog iets langer terug had ik geen vermogensmeter.

Los van leeftijd: ik vind het gewoon een slechte opbouw. Dat grijze en blauwe stuk duurt nog 20 minuten ook! Daarin kruipt het vermogen onnodig langzaam omhoog. Dat is geen warming-up, dat is tijdverdrijf.

Ik heb liever zo’n soort warming-up:

Ander soort start, met korte hoge vermogenspiekjes, herstel, en dan pas de intervallen

Sneller oplopen van grijs naar blauw kan prima. Dan komen die piekjes wel aan, maar die zijn kort en ze worden gevolgd door herstel. Ze heten ook wel primers: hoger vermogen dan de intervallen, om je lichaam als het ware wakker te schudden in voorbereiding op het echte werk. Daar moet je dan wel weer even van herstellen. Op de fiets doe ik zoiets ook: eerst even een keer 20 omwentelingen maximaal, daarna een minuut idem, dan bijkomen, en dan pas het eerste ‘echte’ interval.

Ik kan dus niet goed vergelijken met vroeger, maar misschien is het inderdaad zo dat een gedegen warming-up belangrijker wordt als je ouder wordt. Dat is wel wat je overal leest. Prima hoor. Gewoon doen. En er vooral geen strijd van maken.

 

Door |2026-03-25T15:12:31+01:0025 maart 2026|Fiets, Loop|0 Reacties

Nagekomen luistertip over fietsen en geest

Ik luisterde gister naar een geweldige podcast van CycloWorld over de mentale kant van fietsen, met psycholoog, schrijver en fietser Martijn Veldkamp. Geen idee meer hoe ik daar zelf op kwam, ik ben geen vaste luisteraar van die podcast. Liever gezegd: ik ben vaste luisteraar van geen enkele podcast, het is niet helemaal mijn medium, ik lees liever, en als ik er eens een tegenkom waarvan ik denk: die moet ik wél beluisteren, dan sla ik de link op en luister op een moment dat uitkomt: in de auto of bij het huishouden. Dat duurt wel eens even en dus loop ik er soms behoorlijk achteraan, zoals in dit geval: het is een podcast uit oktober.

Dus, ik ben er niet snel mee, maar ik vind het wel een dikke tip. Ik vond het enerzijds een feest van herkenning, verrassend sterk zelfs, zo van: ‘wauw, dat zijn bijna mijn woorden’. Hier en daar dacht ik: hmm, dat zie of ervaar ik net anders, en had ik dus graag in discussie getreden. Bijvoorbeeld over dat het voor het positieve effect op je geest niet uitmaakt of je alleen of in een groep fietst. Alleen kom je pas echt aan jezelf toe, volgens mij. En ik leerde ook nog wat nieuws, onder andere:

  • Duursport doet iets unieks doet met je mentale gezondheid, ten opzichte van andere sporten. Voor je geestelijk welbevinden zou je dus echt een duursport moeten beoefenen. Maar wel alleen als je er lol in hebt.
  • Ondanks de beroemde ‘runners high’ is fietsen eigenlijk beter voor de mentale gezondheid dan hardlopen. De cadans ervan is meditatiever, je kunt het langer achter elkaar doen, en hardlopen wordt al gauw te intensief. Maar dan geldt ook dat plezier op 1 staat: als je meer lol haalt uit hardlopen dan uit fietsen, dan is hardlopen beter.
  • Het verschijnsel dat na ongeveer een uur fietsen je zorgen vrij plotseling verdwijnen, ligt eraan dat je hoofd dan geen ruimte meer daarvoor heeft en zich wel meer moet gaat richten op het bewegen als zodanig. Ik heb dat altijd ‘uit mijn hoofd komen en in mijn lichaam zakken’ en dat is het ook, maar dit verklaart het nog nader. Ik wist eigenlijk niet eens dat iedereen dit heeft, of nouja, dat dit een gebruikelijk effect is. Bij mij werkt het zeer zeker zo!

Kortom: ik vond het een geweldige podcast!

 

Door |2026-03-23T14:27:21+01:0023 maart 2026|Fiets, Waarom|1 Reactie

Ik ben nu wegwijs in de verkeerskunde

Gister heb ik, in het kader van ‘doe eens iets geks’, de cursus ‘Wegwijs in de verkeerskunde‘ afgerond. De aanleiding was dat ik, nu ik een tijdje politiek actief ben, verkeer en mobiliteit machtig interessant vind omdat er zo veel dingen in samenkomen. Eén van die dingen is het raakvlak met sport en beweging. Vandaar dat ik er hier nu een stukje over schrijf.

Ik heb het hier vaker gehad over mijn ervaringen als sportende weggebruiker. Het ging dan onder andere om de toenemende snelheidsverschillen en agressie op de fietspaden, het gebrek aan ruimte om buiten te kunnen bewegen en over het oprukken van de e-bike. Het ging daar soms ook al over de relatie met de grotere wereld. Met gedrag, want ja, in het verkeer moeten we het met z’n allen samen zien te rooien. Over infrastructuur, want daarmee kun je dat gedrag enigszins sturen en veranderingen in goede banen leiden. Over hoe commercie en sociale druk ons tot ongezond gedrag verleiden. Over de dominantie van de auto.

En dan noem ik alleen nog maar de dingen die me opvallen als fietser en hardloper. Het gaat om nog veel meer. Mobiliteit heeft te maken met inclusie, klimaat en milieu, economie, energie en daardoor ook met de energietransitie en met de geopolitiek.

Knetterinteressant dus. Helemaal toen het mobiliteitsplan van de gemeente Kapelle verscheen, en ik daar fikse vraagtekens bij had. Ik niet alleen: we hebben ondertussen een werkgroepje van de partij dat zich bezighoudt met het voetganger- en fietsvriendelijker maken van de gemeente (vorige week nog actie gevoerd zelfs). Ik heb diverse keren tijdens de cursus zitten gniffelen omdat ik en passant gelijk kreeg van de docenten, bijvoorbeeld over dat drie losse streepjes geen ‘netwerk’ zijn – dat naar aanleiding van het plaatje van het ‘fietsnetwerk’ (p. 96):

Een fietsnetwerk hoort door te lopen in de bebouwde kom en daar belangrijke plekken te verbinden, zoals het station en scholen.

Nou, dat was een waardevol inzicht, en dat was er maar een van veel meer tijdens twee heel erg leuke cursusdagen. Ik vond eigenlijk alles leuk, en alles smaakte naar meer, want ja, het was maar een korte introductie op een breed terrein. Zelfs een onderwerp waar ik van tevoren van dacht ‘ver van mijn bed’, verkeerslichten (in de gemeente Kapelle is er één), vond ik interessant, eigenlijk vooral omdat ik het gewoon leuk vind om nieuwe dingen te leren en systematieken te doorzien. Zo van: ‘aha, zo zit dat in elkaar!’

Ik word hier geen andere of betere fietser van. Ik kijk wel bewuster om me heen, met van die vragen in mijn hoofd als ‘is dit een erftoegangsweg of een gebiedsontsluitingsweg?’ Ik snap ook beter waarom dingen niet kloppen. Ik vind al vanaf de allereerste keer dat ik door Kapelle fietste, zomer 2023, sommige verkeerssituaties raar voor alle verkeer én ongunstig en zelfs onveilig voor fietsers ingericht. Sommige plekken zijn gewoon dat: raar. Maar ik begrijp nu bijvoorbeeld wel waarom ik op het kruispunt vlak bij mijn huis (hoek Dijkwelsestraat/Weststraat) de neiging voel om gevaarlijke capriolen uit te gaan halen zoals over de stoep rijden of stilstaande auto’s links passeren, iets wat ik daar anderen ook zie doen. Die plek heeft voor mijn/ons gevoel de functie ‘stromen’ en dan is het naar om stil te staan omdat auto’s voorrang moeten geven aan rechts.

Gezien de politieke verhoudingen en de verkiezingsuitslag in onze gemeente gaat het niet makkelijk zijn Kapelle fiets- en voetgangervriendelijker te maken. Maar er liggen misschien wel kansen daar waar de huidige oplossing ook niet handig is voor auto’s. Bovendien voel ik me nu mede dankzij deze cursus wel strijdbaar. En ik zie wel een rol voor mezelf weggelegd als verkeers-specialist voor de regionale partij.

Voor alle duidelijkheid: ik heb de opleiding zelf betaald, en ik zie wel in hoeverre het nuttig is voor de partij. Het geld uit eigen zak betekende ook dat ik er graag twee leuke dagen van wilde maken. Dat is helemaal gelukt. Ze waren lang, met vroeg op vanwege half 10 starten in Utrecht, en van zelf sporten kwam dan niks terecht. Maar de docenten waren erg goed, de groep was leuk, ik heb me prima vermaakt.

Door |2026-03-20T17:12:50+01:0020 maart 2026|Fiets, Loop|0 Reacties

E-bike-onderzoek

Ik heb hier al vaker mijn scepsis over het oprukken van de e-bike uitgedrukt. Vandaar dat ik met interesse las dat er net onderzoek is geweest naar de voor- en nadelen ervan. Niet dat er iets nieuws in staat, maar wel goed dat dat op een rijtje staat, specifiek voor de Nederlandse situatie. Het komt erop neer dat een e-bike alleen maar voordelen heeft als die je uit de auto houdt, en dat is vaak niet het geval, zeker niet voor jongeren.

Wat me in de samenvatting die ik las opvalt, is dat de e-bike wel voordelen kan hebben voor ‘ouderen en mensen met een beperking, overgewicht of een chronische aandoening‘. Ouderen is daarin een vage term, en ik denk dat leeftijd een veel minder belangrijke rol speelt dan dan een beperking, overgewicht of aandoening. Ik bedoel: ik denk dat je als gezonde ‘oudere’ ook beter zelf kan trappen en daar prima toe in staat bent. Als dat niet (meer) zo is, val je onder ‘mensen met een beperking, overgewicht of een chronische aandoening’. Dan is het dus onnodig om ouderen apart te noemen.

 

Door |2026-03-03T17:45:36+01:003 maart 2026|Fiets|0 Reacties

Op naar de 2e 3

Het is weer zo ver: procesevaluatie de dag voor de wedstrijd. Van de winter-hardlooptraining dit keer. Want morgen loop ik weer een 3 kilometer op het schaatsbaantje in Goes, als Jaro-testloop. Zo ben ik in oktober begonnen, toen liep ik er 16’30 over, met amper looptraining achter de rug en als doel voor de winter om sneller te worden. Liefst: om weer net zo snel te worden als een paar jaar geleden. Want vorig jaar stond duur centraal en de twee jaar daarvoor fietsen, en daardoor had mijn loopsnelheid geleden.

Plan was om in de winter elke maand zo’n testloop te lopen, maar dat is niet gelukt: in december was ik verkouden en eind januari bij het WK veldrijden. Zodoende heb ik niet geoefend in wat ik morgen ga doen. Het wordt zo morgen nog maar mijn tweede 3 kilometer ooit.

Maar dat is dan ook het enige wat niet is gelukt. Ik ben namelijk eigenlijk al tevreden. Ik ben zeker sneller geworden. In intervaltrainingen ben ik weer net zo snel als een paar jaar geleden. Afgelopen zaterdag liep ik zelfs mijn op-een-na-snelste kilometer ooit, voor zover ik heb geklokt: 4’47.

Elzen vandaag in bloei – ben ik volgens mij licht allergisch voor

Dus doel al bereikt eigenlijk, hopelijk morgen nog een leuke kers op de taart. Vooraf had ik bedacht dat die 3 kilometer toch echt wel onder de 15’30 zou moeten kunnen. Misschien kom ik wel in de buurt van de 15’00? Dat zou top zijn en dan is mijn snelheid echt terug op niveau. Maar of dat erin zit – geen idee. Daarvoor moeten de ‘uncontrollables’ ook meewerken, zoals het weer. Net de laatste paar dagen voel ik me bovendien een beetje ‘watterig’ in m’n hoofd, misschien iets hooikoorts?

Waar ik ook tevreden over ben, is dat ik met veel plezier getraind heb. Ik wisselde vier soorten trainingen af: duurloop (maximaal 12 kilometer), intervallen van 3X1 km (later wat langer) rond m’n vermoede anaerobe drempel en dus een beetje ingehouden, en het korte (7X400) en nog kortere (12X200) werk, gecontroleerd voluit. Relatief veel intervaltrainingen dus, en dat doe ik graag. Ik kom er ook gemiddeld energieker van thuis dan van een duurloop, zo merkte ik. Zeker als ik het combineerde met dippen in Wemeldinge!

Wat me de afgelopen tijd opviel is dat die korte intervallen echt als techniektraining werken: ik voelde vooral voor de kerst dat ik mijn benen aan het leren was om snelheid te maken. Ik had toen van de 200’tjes ook steeds spierpijn in m’n bovenbenen, die hadden duidelijk iets te leren. Ik heb ook geëxperimenteerd en ben bijvoorbeeld mijn armen meer gaan inzetten. Voor me uit kijken in plaats van naar de grond blijft een aandachtspunt.

Er zit nog steeds ook wel wat rek op, denk ik. Ik heb eigenlijk maar drie maanden getraind. Nouja, het waren er vier, maar ik heb rond kerst drie weken niet gelopen: eerst die verkoudheid,  daarna deed ik de Festive 500 en daar kwam ik uit met een ‘platgetrapte’ voet waardoor die even rust nodig had. Dat is het enige echte auwtje dat ik heb gehad, en het lag niet eens aan het intensieve hardlopen.

De rek zit hem er ook in dat ik in die vier maanden ook nog veel heb gefietst en ook daarin progressie heb geboekt. Ik probeerde wekelijks vijf keer trainen te verdelen over beide sporten door ze beide afwisselend 2 of 3 keer per week te doen. Dat was wel pittig; een keertje zwemmen per week gebruikte ik als actieve rust. Sinds begin van dit jaar doe ik er ook nog krachttraining bij, en ook dat kwam aan, vooral op mijn knieën. Maar het ging allemaal goed en ik ging dus best wel hard vooruit, erg fijn om te merken.

Na morgen gaat het vizier weer meer naar fietsen. Het kriebelt wel om eens wat langer achter elkaar en nog wat specifieker voor lopen door te trainen. Dat moet dan wachten tot na de volgende fietsvakantie.

Ik meld me na morgen met een verslag!

Door |2026-02-28T10:33:40+01:0027 februari 2026|Fiets, Loop|0 Reacties

Maatwerk fietsreizen bij Raj

Klein reclameberichtje, op speciaal verzoek! Toen wij in 2018 op Tasmanië fietsten, leerden we daar Raj kennen, een echte wereldfietser. We hebben een beetje contact gehouden, zeker ook omdat hij prachtige foto’s maakt voor zijn blog. Hij liet ons nu weten dat hij een eigen bedrijf begonnen is met maatwerk fietsreizen (‘It is basically a referral program through friends, cyclists, and people who want to go on an adventure but don’t know how to plan it.’): https://www.wanderbull.com/expeditions. Hij ontwerpt fietsreizen en verleent ondersteuning, motto: ‘Ride your dream yourney’. Hij noemt het zelf een experiment. Ik hoop dat het slaagt!

 

Door |2026-02-25T13:42:39+01:0025 februari 2026|Fiets|0 Reacties
Ga naar de bovenkant