Alcohol: ongezonde, lekkere zelfmedicatie
Onlangs adviseerde de Gezondheidsraad om alcholgebruik te ontmoedigen en te ‘denormaliseren’. Ik voelde me aangesproken, want ik had net hier een enthousiast verslag geschreven over een fietsreis waarin bier het doel was. Ik had de blogpost nog tam gehouden op dat punt: in onze dagelijkse Polarsteps-verslagen ging het regelmatig over de streekbieren die we proefden en mijn zoektocht naar kleine flesjes wijn uit de gebieden waar we doorheen fietsten. Dat is ook normaliseren, en ja, ik drink alcohol. Op vakantie dagelijks. Terwijl mijn gezondheid mij lief is. Hoe zit dat?

Het lekkerste Franse streekbiertje, op de laatste avond in dat land
Ik weet dat elk glas alcohol gezondheidsrisico’s met zich meebrengt. Alcohol is een drug, behoorlijk verslavend, en met een boel negatieve gevolgen. Ik kan me ook verbazen over hoe gewoon het is. Bijvoorbeeld om met een glaasje op in de auto te stappen (ik hanteer zelf die 0,0 die de Gezondheidsraad in het verkeer bepleit) of om veel te drinken op bedrijfsborrels en aanverwanten. Of over hoe gauw je voor ‘ongezellig’ wordt uitgemaakt als je niet drinkt. Over hoe zeer sommige evenementen een aanleiding zijn voor ongelofelijke zuippartijen. Enzovoort. In dat opzicht ga ik mee met de Gezondheidsraad: daar mag wel wat aan gebeuren.
Me klem zuipen doe ik niet, maar ik merk de verslavendheid wel. Na thuiskomst had ik even moeite om uit de gewoonte van elke dag drinken te komen. Ik begrens mezelf onder andere door elk jaar een ‘maand droog’ te houden. Ik ben overigens ook bepaald niet de enige drinkende sporter: sporters drinken gemiddeld meer dan niet-sporters.
Dus ja, oppassen met die alcohol. Ik zou ook niemand aanmoedigen om te gaan drinken. Dat is ook niet de strekking van deze blogpost. Maar ik mis iets in de anti-alcoholverhalen: het simpele gegeven dat drank lekker is. Een koud biertje op een warme dag, een Westmalle Tripel, een glaasje wijn bij de pasta… Het verkennen van de smaken van streekbieren is voor ons een genoeglijk onderdeel van elke vakantie, net zoals we graag lokale lekkernijen proeven. Alcoholvrije bieren worden beter, maar halen het toch niet bij het echte werk, om over alcoholvrije wijn maar te zwijgen.
Voor mij is het helder: als ik wijn en bier niet lekker zou vinden, zou ik nauwelijks drinken. In de tijd dat ik slecht rook, dronk ik veel minder, want ik proefde het toch niet. Doe dan maar spa rood. Een paar jaar geleden ontdekten we Gimber voor in dat bubbeltjeswater, en dat vinden we bij het eten heel lekker. Sindsdien drinken we minder.

De Gimber staat al klaar voor het avondeten zometeen
Maar dat is niet het hele verhaal. In een artikel in de NRC over het advies van de Gezondheidsraad zegt oud-verslaafde en nu ervaringsdeskundige Roxane Catz:
Het probleem is dat alcohol vaak óók iets lijkt op te lossen: stress, eenzaamheid, spanning, onzekerheid, verveling.
Dat lijkt me een essentieel punt, dat ik zelf wel eens heb geformuleerd als: zie maar eens dit leven te leven in deze wereld, helemaal zonder genotsmiddelen, zonder af en toe wat verzachting en ontsnapping. Het is moeilijk om het leven onverdund tot je te nemen, zal ik maar zeggen. Zeker nu, ben ik geneigd te zeggen, maar genotsmiddelen zijn van alle tijden en culturen.

Te veel verzachting en ontsnapping is niet goed, maar een beetje mag wel. Anders ben je namelijk hardvochtig streng tegen jezelf. Of laat ik het bij mezelf houden: als ik van mezelf niet zou mogen drinken, ben ik wel heel streng voor mezelf. Af en toe de teugels laten vieren is goed. Heel goed zelfs, in een maatschappij die sterk disciplineert. Dat stoort me ook aan het advies van de Gezondheidsraad: we moeten brave burgers zijn.
Ikzelf gebruik alcohol ook wel eens om iets op te lossen, vooral slecht slapen. Een borrel bijvoorbeeld om na een late vergadering mijn drukke hoofd tot bedaren te brengen of in slaap te vallen bij lichamelijk ongemak. Ik weet dat alcohol de kwaliteit van mijn slaap negatief beïnvloedt, maar het kan me helpen inlapen en als ik niet inslaap, is er niet eens slaap waar de kwaliteit van beïnvloed kan worden.
Als ik op zulke slechte momenten niet zou mogen drinken, had ik misschien eerder behoefte aan medicijnen, en of dat nou de oplossing is… Bijwerkingen, verslaving, en het moet nog via de dokter ook, terwijl ik het nu in eigen hand heb. Een paar jaar geleden had ik een discussie met iemand die fel tegen alcohol was. In het gesprek vertelde zij dat zij ritalin, pijnstillers en slaapmiddelen gebruikte. Ik flapte eruit: ‘ja, zo kan ik het ook, afgeven op alcohol’. We praatten door en toen noemde zij mijn borrels ‘zelfmedicatie’ en daar zit wel wat in.

In de Rioja aan de Rioja
De meeste mensen die ik ken die niet drinken en ook geen andere genotsmiddelen gebruiken, daar zou ik niet mee willen ruilen. Omdat voor hen individueel geldt wat een ingezonden-brieven-schrijver (Ruud Gubbels) naar NRC schreef over landen, naar aanleiding van het artikel waar ik net uit citeerde: ze zijn niet gelukkig:
Waar de Gezondheidsraad aan voorbij gaat is het positieve van (een beetje) alcohol. De lijst van meest gelukkige landen ter wereld wordt aangevoerd door landen waar stevig wordt ingenomen. Die leven ondanks de alcohol ook nog eens het langste. Zet daartegenover de landen die alcohol absoluut verbieden: die staan ongeveer onderaan de lijst van geluk, leven aanzienlijk korter en hebben altijd oorlog en conflicten. Proost!





