Jaararchieven: 2017

Kijk nou! Trainer!

Diploma hardlooptrainer Running HollandAfgelopen zaterdag was de laatste bijeenkomst, in een zonovergoten Amsterdams Bos. Hier met de hele groep – iedereen is geslaagd, en die met de bloemen is docent Wim Schoots van Running Holland:

Groep met certificaten in de zonHet was leuk, ik vond het vooral een heel erg fijne groep, en het was dus zaterdag óók jammer dat het erop zit, al ben ik bij om niet meer om de haverklap op zaterdag naar Amsterdam te moeten. Ik zal het samen ‘buiten spelen’ in het Amsterdamse Bos (zon) en het Olympische Stadion (ik zal me de sneeuw van 11 februari lang heugen) toch ook wel een beetje missen.

Ik heb er veel van geleerd, maar ik heb op lang niet al mijn vragen op het gebied van trainingsleer antwoord gekregen. Dat vond ik wel lastig soms, maar het bevestigde me wel in het idee dat hoe meer je afwijkt van de prototypische sporter (jong, man, getalenteerd en gezond van lichaam en geest), des te minder antwoorden er zijn, en des te minder maakbaar het allemaal is. En daar kan ik wel mee verder.

De komende tijd ga ik me bezinnen op wat ik ermee ga doen. Dat suddert al een tijdje, en ik zal plannen hier melden zodra ze concreter worden.

Door |2017-04-10T09:27:04+02:0010 april 2017|Loop, Trainer|1 Reactie

Marathontwijfels

In januari meldde ik hier dat ik van plan was om de marathon in eigen stad te gaan lopen. Ik heb achteraf wel eens gedacht: ik heb me in een vlaag van overmoed daarvoor aangemeld. Ik wilde het nog heel graag eens proberen, correctie: ik wil het nog heel graag een keer proberen. Zondag is het zo ver. Maar ik heb er een hard hoofd in. Als het weer niks wordt, als ik weer zo ga lopen strompelen als de laatste 12 kilometer in Istanbul bijvoorbeeld, dan wandel ik naar de metro en houd ik de hele marathon voor gezien. Motto: het moet wel leuk blijven.

Ik heb min-of-meer getraind via de marathonrevolutiemethode: zonder lange duurlopen, maar aangepast aan het trainen bij een atletiekvereniging en met op sommige zaterdagen de hardlooptrainersopleiding, en een iets hoger uitgangsniveau. Ik heb redelijk kunnen trainen, af en toe wat kwakkeltjes, daarover schreef ik eergisteren al, maar de grote lijn was okee.

Dat heeft wel wat opgeleverd, maar een boel ook niet.

Wat het sowieso niet oplevert, die methode, is zelfvertrouwen: ik heb nauwelijks langer dan 14 km gelopen, en zondag zijn het er 42. Dat is sowieso spannend natuurlijk, maar die onzekerheid durfde ik wel aan, dat was het experiment. Ik weet niet of ik erin geloof dat je met zo weinig kilometers een marathon kan lopen, maar ik zou het sowieso niet meer doen met lange duurlopen, en dit experiment ben ik weloverwogen aangegaan.

Wat het wel heeft opgeleverd: ik voel me goed, ik ben fris, uitgerust, ik voel me scherp, die duurlopen van 14 kilometer loop ik inmiddels moeiteloos en daarvan herstel ik snel. Dat was op weg naar Istanbul wel anders.

Wat het niet heeft opgeleverd: ‘meetbare’ progressie, in twee opzichten:

  1. Een hoger tempo bij een vaste hartslag. Ik ga de marathon lopen op duurlooptempo, hartslag <130, dus daar heb ik veel bij getraind. Idee daarvan is dat je dan langzaam-maar-zeker sneller wordt bij die hartslag. Nou, dat is niet gebeurd. Mijn tempo zwalkt. De laatste vijf 14-kilometer-lopen gingen gemiddeld in respectievelijk 6’48, 6’25, 6’45, 6’30 en 6’49 per km. Zeker die laatste was een klap in mijn gezicht, want toen voelde het heel lekker, maar o, wat is dat langzaam! Die 6’25-6’30, dat is wat ik me voorstel bij m’n marathontempo, dan loop ik ‘m in 4u30 ongeveer. Maar daar kom ik dus soms niet eens in de buurt.
    En hoezo, vanwaar die grilligheid? Ik kan alleen maar bedenken dat ik hem kennelijk technisch af en toe ‘niet raak’, maar dat merk ik dan dus niet.
    Overigens verklaarde die wisselvalligheid wel een deel van de ellende van die lange duurlopen op weg naar de marathon van Istanbul, want die liep ik op een vast tempo (in plaats van hartslag) en dus soms te intensief, waardoor ze te hard aankwamen. Die grilligheid is niet nieuw, namelijk, die signaleer ik ergens al wel jaren. Ik heb de woelige overgangshormonen ook wel eens de schuld gegeven, maar die zijn op dit moment redelijk koest, althans, zo ervaar ik het.
  2. Betere resultaten op de VIAD-test. Ik heb er op 23 januari een gelopen en gister, en die resultaten zijn zo ongeveer gelijk. Gister bleef mijn hartslag bij de vaste tempo’s soms ietsjepietsje lager en mijn herstelhartslag ietsjepietsje hoger, maar het scheelt heel weinig en dat is afgerond dus gewoon geen duidelijke progressie. Voor wie de getallen wil zien: hier zijn ze.

Tsja. Nouja, op zich is dit beter dan op weg naar Istanbul, want toen was ik trager geworden en had ik enorm afgezien op die lange duurlopen, en dat is nu niet zo. Maar wat ik ook kan concluderen: mijn trainingsaanpak heeft onvoldoende gerendeerd.

Komende zaterdag krijg ik ook nog eens mijn diploma als hardlooptrainer, dus de vraag ‘wat nu?’ moet ik eigenlijk zelf kunnen beantwoorden. Welnu, dit zijn mijn ideeën daarover:

  1. Wacht die marathon eerst maar eens af – wie weet.
  2. Als het niks wordt: doelen bijstellen. De (halve) marathon verder vergeten en me richten op afstanden tot 10 km. Boven het uur wordt hardlopen wezenlijk veel moeilijker voor me. Ik weet: met een marathon daag ik mezelf enorm uit. Misschien is het gewoon een brug te ver voor me. Jammer, maar geen probleem: ik wil m’n grenzen graag verleggen, maar soms loop ik er dan dus ook tegenaan.
  3. Anders gaan trainen. Van lange duurlopen ga ik achteruit, met kortere duurlopen heb ik stagnatie, dus laat ik het eens zonder duurlopen proberen. Het is lastig voor me om met zo’n lage intensiteit technisch goed te lopen, dat is de kern ervan denk ik. En verder heeft het mogelijk ook nog met m’n ‘dikke poten’ te maken: ik heb niet de bouw voor een lange-afstandsloper. Er zijn trainingsmethodes zonder duurlopen – ik schreef daar al een keer over
  4. Nog meer investeren in techniek, al valt het me tegen wat bijna een jaar daaraan werken me oplevert – nog niks, althans, niet in snelheid. Het schijnt er wel beter uit te zien en het voelt ook lekkerder, maar het voelt vooral lekkerder op de korte afstanden. Ik kan volgens mij vooral veel harder sprinten dan voorheen. Nou heb ik met zwemmen ook een periode gehad dat de techniekverbetering op langere afstanden niets opleverde, dat doet het ondertussen wel, dus wie weet heeft dit nog wat meer tijd nodig.
  5. En vooral: blijven genieten, los van de tijden en de snelheden en de prestatiedrang. Ik geef toe: dat is wel eens lastig. Ik was gister na die VIAD-test echt teleurgesteld, omdat ik graag loon naar werken wil. Misschien, zo dacht ik, moet ik ook maar eens minder hard werken ervoor. Dat lopen, dat is wel okee, maar al die core stability en andere oefeningen…

Dan is er nog één aspect wat mij helemaal met stomheid slaat. Ik heb namelijk wel reuze-progressie, maar ergens anders. Een maand geleden liep ik op zaterdag een halve marathon waarbij ik compleet op een hoop ging. De dag erna ging ik met moeie benen m’n geliefde trainingsrondje fietsen naar de punt van de landtong van Rozenburg, 73 km. Het woei een beetje, het was druk op het pad, ik had nog heel weinig gefietst (in de zin van: training – wel op de stadsfiets) en mijn hartslag bleef hartstikke laag (gemiddeld 119). Toen ik terugkwam, was het maar goed dat ik al was afgestapt toen ik op mijn horloge keek, anders was ik subiet van m’n fiets gevallen: dat was een recordtijd. Ik ben op dat traject nooit eerder zo snel geweest. Huh?

Dus wat levert al dat hardlopen op? Teleurstellende hardloopprestaties en geweldige fietsbenen. En dat vind ik toch echt moeilijk om te begrijpen.

Nou goed, duim maar voor me zondag, het wordt (voor mij) lekker weer! En als alles aan trainen een experiment is, dan is zondag dat bij uitstek. Ik meld me wel weer hier om erover verslag te doen.

 

Oja, en dan denk je misschien: maar ze heeft bij die Ironman toch ook een marathon gelopen? Ja, in een tijd die me zondag buiten de tijdslimiet zou brengen, met veel wandelen. Zo ga ik het écht niet doen zondag, dan wandel ik naar de metro!

Door |2017-04-05T20:21:26+02:005 april 2017|Fiets, Loop|0 Reacties

Kogel door de kerk

Belangrijke kogel die door de kerk kwam in de maanden tussen de terugblik en nu is dat ik geen volgende hele triathlon van plan ben.  In januari kriebelde dat nog, nu niet meer. Ik zeg niet ‘nooit’, maar ik acht de kans klein en voorlopig, de komende anderhalf jaar, in elk geval niet.

‘Kogel door de kerk’ klinkt iets te veel alsof het als een plotseling inzicht tot me is gekomen, maar dat is niet zo. Het was eerder dat ik keek naar een zich langzaam ontwikkelende foto, zoals dat vroeger ging, in zo’n badje. Het kristalliseerde uit, en bestond uit een aantal elementen.

Ik heb de afgelopen tijd heel veel lol gehad in andere dingen dan alleen maar toegewijd trainen. Ik heb hier al vaker gezegd dat ik vond dat het heel leuk was, die paar maanden alle focus op het sporten, maar dat dat voor de lange termijn mijn leven wel wat te eenzijdig zou maken. Nou, dat besefte ik maar al te goed! Ik heb in februari onder aRechts: ik als bruidsmeisje Harriëtndere zelf op de planken gestaan (foto hiernaast, rechts zie je mij als het nogal hysterische bruidsmeisje Harriët, in juni doen we nog een reprise), we hadden een bijzonder geslaagd uitgaansseizoen (cabarethoogtepunt: Tape Face Boy; muziek: Blaudzun), ik heb lekker gewerkt en daar weer leuke dingen in gedaan, en ik ben intensief bezig geweest met de hardlooptrainersopleiding (bijna klaar, daarover later meer).

Dat was allemaal al best wel veel, en daarnaast was ik ook nog in marathontraining. Het schema dat ik had gemaakt, kraakte en piepte af en toe. Niet alleen omdat ik het druk had, maar ook omdat het lang koud, nat en winderig was (voor het fietsen) en ook omdat ik in februari een beetje aan de sukkel was. Niks ernstigs, maar het ene weekend had ik een auwtje zus, de volgende week was ik verkouden en de week erna auwtje zo, en de vierde week zaten de hormonen dwars.  In maart kwam er nóg een keer een blessuretje voorbij. Dat kostte me steeds de duurlopen. Ik had enige trainingsachterstand die ik denk ik redelijk heb kunnen wegwerken en ik ben fit, maar toch.

Dat deed me wel beseffen dat ik vorig jaar tussen april en augustus veel geluk heb gehad: ik kon toen maandenlang probleemloos trainen. Zo vanzelfsprekend is dat niet. Ik kwam voor die laatste blessure bij een fysiotherapeut en die zei maar weer eens: met zo’n lijf als het mijne (hypermobiel) ben ik kwetsbaar voor blessures.

Ik realiseerde me toen dat ik af wil van de druk die zo’n mega-evenement op fit blijven legt. Je plant zo’n hele triathlon lang van tevoren, dat kan niet anders, en dan gok je er dus eigenlijk op dat het goed gaat in de tussentijd. Als dat niet zo is: Paniek! Stress! Gedoe! Chagrijn! Daarvan dacht ik: daar heb ik geen zin meer in. Liever een groter aantal kleine evenementjes waarvan het niet zo erg is om een keer te sukkelen of er eentje over te slaan. En dat ook kan lukken zonder ellenlange voorbereiding. Een kwart afstand bijvoorbeeld, die overleef ik ongetraind zelfs nog wel.

Om dat te onderstrepen heb ik ook nog eens een draak van een halve marathon gelopen, ergens halverwege maart – ik ging weer ouderwets kapot na 12 kilometer. De enige, in de aanloop naar de marathon van volgende week. Het goed lopen van een goede halve marathon is voor mij toch een beetje een toevalstreffer, het gaat vaker niet goed dan wel. Dus zou ik dat eigenlijk vaker moeten doen, om mezelf ook eens een succesje te gunnen, net zoals ik twee jaar terug deed. Dat kon nu niet omdat dat te zwaar zou zijn als marathontraining (ik loop een halve een stuk harder) – maar dat is dus juist het punt. Ik beperk me erg als ik voor zoiets groots ga.

Waar ik me in januari dus al afvroeg of ik me niet rijk rekende met dat het nog beter zou kunnen dan in Vichy, heb ik de afgelopen maanden wel gedacht: ja, want het kan ook slechter. En zo bedacht ik: ik ga de gok niet wagen. Ook omdat ik er dus zo veel voor opzij moet schuiven.

Ondertussen verheug ik me dus op de kleine triathlons die ik dit seizoen ga doen! Lekker knallen, gezellige, kleine evenementen, ik ga zelfs een duo-triathlon doen op de 1/8e afstand, samen met Nicole, in Zeeland – ik heb er gewoon heel veel zin in!

 

Door |2017-04-03T19:24:55+02:003 april 2017|Triathlon algemeen|0 Reacties

Hiaat #2

’t Is april en dan zou ik nog eens wat nabeschouwen op het terugblikken op de Ironman. Dat ga ik ook doen, zo af en toe in de loop van de maand.

Ik wil beginnen met het opvullen van nóg een hiaat. Vorige maand deed ik dat al met een urgente, maar ik ontdekte er kort daarna nog één: dat Blaudzun niet op m’n speellijst stond!

Vorige maand waren manlief en ik naar Blaudzuns concert in Vredenburg. Dat was beregoed! In de toegift speelde hij achter elkaar twee nummers waarvan ik dacht: wacht eens, die stonden niet op mijn Ironman-playlist? Huh? Ben ik ze toen vergeten? Tss!

Het gaat in de eerste plaats om Who took the wheel, het ultieme fietsnummer. In de versie op de plaat (in de link) en zeker ook als hij het solo speelt (zoals in de Avondetappe, als singer-songwriter, zo heb ik hem leren kennen), denk ik daarbij aan een klimmer die en danseuse  alleen een Alp opfietst (denk: Marco Pantani in zijn beste tijd). Live vorige maand had het eerder de dynamiek van een massasprint, heerlijk.

En dan is er Promises of no man’s land, het nummer dat de NOS als tune gebruikte tijdens de Olympische Spelen van Sotsji, toen de Nederlandse schaatsers op ware goudjacht waren. Dus dat nummer is dan weer het ultieme sport-presteer-nummer. Het heeft een prachtige ingehouden spanning die dan in het ‘when the heat is on’ tot ontlading komt. Ook zo’n nummer om niet stil bij te kunnen blijven zitten!

Hier zijn ze allebei op Spotify:

Door |2017-04-01T19:00:00+02:001 april 2017|Fiets, Triathlon algemeen|0 Reacties

Even een hiaat opvullen

Cover boek Sport als levenskunstIk ontdek net een hiaat in mijn blog – heb ik het echt al die tijd lang niet gehad over Marc Van den Bossche? Jeetje. Nou, daar moet ik echt even wat aan doen. De post hieronder is de eigenlijke voorlopig laatste post van dit blog, zie daar voor als je wilt weten hoe het verder in elkaar zit.

Ik was net even aan het googlen omdat ik benieuwd was waar Marc Van den Bossche recentelijk mee bezig is, en toen kwam ik een artikel tegen dat mij meteen kippenvel bezorgde, over zijn rouw na de dood van zijn geliefde. Hij beschrijft daar hoe het doorslaggevende inzicht in zijn rouwproces kwam tijdens het zwemmen:

Dat het inzicht kwam toen ik al anderhalf uur aan het zwemmen was, was niet toevallig. Duursporten doet iets met je denken, je krijgt ideeën en inzichten.

Dat is niet voor het eerst dat hij dat schrijft: in zijn boeken Wielrennen en Sport als levenskunst staat de relatie tussen denken en sport centraal. Van den Bossche – wel ‘de fietsende filosoof’ genoemd, maar hij loopt ook hard en zwemt dus ook – beschrijft bijvoorbeeld hoe hij zelf zijn wetenschappelijke bijdragen uitdenkt op de fiets, maar zeker Sport als levenskunst gaat verder als pleidooi voor sport als noodzakelijke vorm van zorg voor lichaam en geest; duursport draagt bij aan een zinvol leven.

Als je tenminste maar niet te prestatiegericht bent. In dat artikel van hierboven zegt hij bijvoorbeeld

Niet de tijd die je doet over een marathon is belangrijk, maar hoe je ernaar toeleeft: het trainen, het rusten, het eten, het respecteren van je lichaam. 

Daarin echoot voor mij mijn belangrijkste Ironman-conclusie: dat het proces de moeite waard was, lonender dan die ene dag in augustus, en dat die 15 uur, 8 minuten en 46 seconden er eigenlijk ook niet zo veel toe doen. Waar het om gaat, is hoe het toewerken naar die dag twee jaar lang mijn leven mede heeft vormgegeven. Daar heb ik van geleerd, daar ben ik sterker van geworden, en ik durf zelfs te zeggen: een beter mens.

Een andere uitspraak van Van den Bossche die heel vaak in mijn hoofd zit is dat we elkaar als sporters eigenlijk niet naar tijd en prestatie zouden moeten bevragen, maar naar genot. Dus als iemand vertelt de Mont Ventoux opgefietst te zijn, vraag dan niet ‘Hoe lang heb je erover gedaan’ maar ‘En, genoten?’ Ik doe daar echt mijn best op! Want genieten, dat is waar het om gaan, sowieso, maar zeker op mijn niveau.

Kortom, Van den Bossche werk heeft me zeer geïnspireerd bij mijn eigen denken over de zin van duursport. Waarvan nu eindelijk dan toch nog acte op dit blog.

(Grappig, ik zocht een link voor Sport als levenskunst en ik zie ineens mijn eigen naam! Ik heb dat boek gerecenseerd voor Fiets Magazine, ik wist niet dat de uitgever daaruit had geciteerd. Het wordt daarmee een beetje cirkeltje, want Marc Van den Bossche wijdt in dat boek enkele pagina’s aan mijn Afzien voor Beginners. We hebben ook wat contact gehad, en ik wist dat zijn vrouw overleden was. Zijn nieuwste boek heb ik maar gauw besteld! We hebben elkaar nog nooit ‘live’ ontmoet, maar wie weet komt dat ooit nog.)

 

 

Door |2017-03-02T14:31:25+01:002 maart 2017|Boeken, Fiets, Loop, Triathlon algemeen, Waarom, Zwem|1 Reactie

Voorlopig de laatste terugblik

Ik beloofde in december dat ik zou terugblikken tot aan vandaag: de laatste dag dat ik nog 50 ben. Ik wist op dat moment wel dat ik meer te vertellen had dan wat in één terugblikpost zou passen, maar het is toch nog meer geworden dan ik toen had voorzien. Deze week moest ik zelfs doorschrijven om die laatste dingetjes er nog voor vandaag op te krijgen.

En ik kan zelfs bijna alweer terugblikken op het terugblikken. Zo is die teennagel waar ik op 2 januari over schreef dat het nog wel een tijdje zou gaan duren er vorig weekend afgekomen – onverwacht snel. Ik ga op dit moment vrijwel rechter-grote-teennagelloos door het leven: er zit nog maar iets van 2 mm nieuwe nagel.

En morgen valt er misschien wel alweer iets te melden, want het gaat met het zwemmen zo goed (ik schreef er al eerder over: eindelijk weer progressie) dat ik morgen een PR-poging op de kilometer ga doen, en als ik dan zwem zoals de laatste tijd, duik ik voor het eerst onder die mijlpaal van 20 minuten – iets wat ik 3 jaar geleden had gehoopt te doen, maar sindsdien ook alweer had opgegeven.

En dat PR, dat zwem ik dan (hopelijk dus) op m’n 51e. Want dat ben ik morgen. Mijn 50e is een bijzonder levensjaar geworden, in de eerste plaats door de Ironman. Niet zozeervanwege die ene dag, dat schreef ik toen al: het ging om het hele proces, ervoor, maar ook erna. Ten opzichte van vorig jaar voel ik me een rijker, wijzer en sterker mens – en dankbaar. Het terugblikken heeft die winst van het Ironman-jaar voor mezelf nog eens extra verduidelijkt. Het was daarom mooi om zo schrijvenderwijs terugblikkend naar mijn ‘oudjaar’ en volgende verjaardag toe te leven.

Ik had deze weken nog zo veel te vertellen dat ik opnieuw niet een volledige punt plaats achter dit weblog, maar een komma. Ik kom ergens in april hier nog wel een keer vertellen hoe het met een aantal dingen is gegaan die ik in de nasleep van de Ironman heb opgepakt, zoals de marathon, de hardlooptrainersopleiding, de week bij Ontspanje – en misschien is er wel meer. Een voorlopig afscheid dus weer, dit.

* * *

Cartoon van Ironman Louise

Aangezien dit een tijdje de bovenste pagina blijft en dus misschien gelezen wordt door mensen die hier nieuw zijn: welkom! Ja, het is gelukt, die Ironman op m’n 50e. Je kunt in één keer door naar het verhaal over die dag, 28 augustus. Tussen september en 28 december lag dit weblog stil; sindsdien heb ik teruggeblikt.

Ik zou zeker: neus vooral lekker rond, en mocht je willen reageren of vragen hebben: post ze vooral, ik blijf de reacties lezen!

 

 

Door |2017-01-19T14:09:24+01:0019 januari 2017|Triathlon algemeen|2 Reacties

Terugblik: nog 2 leestips

In deze terugblik geef ik niet meer een overzicht van interessant leesvoer op Internet of elders, zoals ik eerder wel deed (meest recente voorbeeld en zie ook de boekencategorie). Ik heb het ook niet meer echt bijgehouden – het lezen wel, maar ik heb de links niet meer bewaard. Ik beperk de leestips daarom tot twee die wel bijzonder relevant zijn:

  1. Ik werd tot deelneemster van de maand uitgeroepen door de Vrouwentriathlon: http://www.vrouwentriathlon.nl/vrouwentriahtlon-webredacteur-louise-shes-an-ironman/ Ik vond het een hele eer, erg leuk om door collega-vrijwilliger Laura geïnterviewd te worden. Ik werd er een beetje raar van, want ik ben zelf webredacteur dus ik heb het stukje zelf geplaatst, en ik zat toen ook nog (tijdelijk) achter de Twitter-account @vrouwentriatlon, en dus was het gek om in de derde persoon over mezelf te tweeten, dat kon ik niet zonder te blozen:

Tweet over Ironman Louise

En dan uitloggen, onder m’n eigen naam inloggen, en ‘m retweeten – moderne schizofrenie!

2. Ik kreeg een mailtje van een ‘lotgenoot’: nog iemand die op z’n 50e Ironman werd, en daar een boek over had geschreven: De hemel, de hel, de triathlon van Ardy Felius (met de mooie domeinnaam triatfifty). Cover boekDat moest ik hebben natuurlijk! Ik heb het achter elkaar uitgelezen, benieuwd naar hoe het hem verging.

Dus lekker leeswerk, dat zeker, maar het boek bevredigt toch niet, vind ik. Felius jaagt zichzelf vanaf het begin van z’n sportcarrière regelmatig over zijn grenzen, met de ene overbelastingsblessure na de andere. Hij traint de hele tijd te vaak, te veel, te lang en te hard. Sport door met pijn. Kan dan lang niet trainen en geeft dan toch op het laatst nog even vol gas om toch aan een evenement mee te kunnen doen. Gunt zichzelf nauwelijks rust. Streeft ondanks al versleten knieën en ouder worden naar dezelfde tijden als vroeger. 

En nu zit hij dus een kapotte knie die het voor hem onmogelijk maakt om zelfs maar aan een tweede Ironman te kunnen denken – hij kan niet meer hardlopen (je ziet op de coverfoto de brace die hij nodig had bij zijn Ironman).

Dan is het sowieso duidelijk: dat is een totaal ander soort sporter dan ik. Voor mij staat heel blijven op de lange termijn altijd voorop, vóór wat voor prestatie dan ook. Dan presteer ik maar  wat minder, want ja, dat is ook zo ten opzichte van Ardy. Voor het boek mis ik iets van een persoonlijke ontwikkeling of leerproces – hij blijft het hele boek lang dezelfde fouten maken, geeft dat ook toe, gaat er zelfs een beetje prat op, noemt het ‘karakter’ (letterlijk: ‘de een noemt het karakter en de ander noemt het dom’, p. 139). Dat is zijn keuze, zijn leven, zoals hij zelf zegt, en dat is natuurlijk zo. Maar ik vind het niet interessant genoeg om er 200 pagina’s over te lezen.

Verder wemelt het boek van de taalfouten, ook dat is jammer. Wat wel weer voor Ardy pleit is dat hij me om feedback vroeg, dus in deze post staat voor hem niks nieuws.

Erg leuk vond ik wel zijn term ’tobsporter’ voor als het niet allemaal van een leien dakje gaat Daar herken ik mezelf dan weer wel in, en ik ben jaloers op het mooie woord!

 

Door |2017-01-17T17:06:25+01:0017 januari 2017|Boeken, Triathlon algemeen, Vrouwensport|1 Reactie

Terugblik, vooruitblik en een beetje reclame

In mijn bedankpost schreef ik dat masseur Marcel mogelijk binnenkort naar Spanje zou verhuizen om daar een yoga-resort te beginnen. Welnu, dat is inderdaad zo gegaan, en ik maak hier dus graag een beetje reclame voor Ontspanje.nl in het Andalusische Cómpeta:

competa

Je kunt er yoga-weken doen of er alleen B&B-en en het huis zo gebruiken als uitvalsbasis om te wandelen of te fietsen. Ze timmeren aardig aan de weg, althans: afgelopen weekend stond er een groot artikel over hen in het AD (editie Waterweg). Ah, wat een lekker zonnige foto’s!

ad

Voor mij betekende het dat ik op 25 november met een beetje brok in mijn keel voor het laatst naar Marcel ging voor een massage. Hij is 8,5 jaar lang mijn masseur geweest, ik kwam er vrijwel wekelijks, en ja, dat mis ik nu wel. Ik ga  misschien binnenkort eens een ander uitproberen, maar uh… Voordat een nieuwe mijn lijf weer zo goed kent, me dus goed kan adviseren bij pijntjes, en 8,5 jaar regelmatig het leven met me door heeft genomen… Ik zit nog in de verwerkingsfase, zal ik maar zeggen.

Máár niet te veel getreurd, want ik ga in april naar Ontspanje toe, een yoga-week doen om bij te komen van de marathon. Als Marcel daar net zo’n prijs-kwaiteitverhouding biedt als voorheen bij zijn massages, dan wordt dat een geweldige week!

Door |2017-01-16T16:02:54+01:0016 januari 2017|Triathlon algemeen|1 Reactie

Terugblik: verknocht aan Vichy

Klein dingetje vandaag: de naam Vichy zal voor mij altijd betekenisvol blijven. Het is naast een stad met een heel verleden ook een cosmeticamerk. Een vrij sjiek merk, het is vooral bij apotheken te verkrijgen. In mijn eigen apotheek had ik er al eens naar staan koekeloeren, maar het is nogal prijzig en ik ben Weleda trouw, ook vanwege de goede status van dat merk op het gebied van milieu en rechten van mens en dier.

Maar een tijdje terug viel mijn oog op een gratis probeerdingetje Vichy bodylotion ofzoiets – ‘serummelk’?:

vichy-bodylotion

Ik heb het inmiddels uitgeprobeerd, nouja, op mijn handen alleen, want ik gebruik niks op mijn body – heb een nogal probleemloze huid, eigenlijk (Lloyd Cole & the Commotions zongen het in 1984 al: Louise is the girl with the perfect skin). Enige wat me in positieve zin opviel was dat het snel introk. Maar verder vond ik het vooral chemisch ruiken – ik ben die parfumlucht niet gewend, met al jaren alleen maar dat natuurlijke spul.

Máár – het was wel een leuk experiment!

Door |2017-01-15T16:01:43+01:0015 januari 2017|Triathlon algemeen|0 Reacties

Terug- en vooruitblik: kriebel

Ik beken meteen: ik denk erover om toch nog een keer een hele triathlon te gaan doen. Ja, ik had gezegd dat het eenmalig zou zijn. En dat heeft ook zo zijn charme. Maar toch… Ik zet mijn overwegingen op een rijtje.
 
1. Ik kan beter dan in Vichy. Dat is meteen ook de belangrijkste ‘kriebel’. Ik zie de volgende verbetermogelijkheden:
  • Kleding zwemmen/fietsen: belangrijkste ‘fout’ in Vichy was de keuze voor mijn gewone triathlonpakje. Bij zwemmen zonder wetsuit ben ik daarmee echt in het nadeel, want het is gewone textiel met een forse drag. Ik had op dat punt beter in mijn badpak kunnen zwemmen, of kunnen investeren in een ‘hydrodry’ pakje.
    Maar dan nog had dat in de weg gezeten bij het fietsen, of athans: ik had er een shirt met lange mouwen overheen tegen de zon, en voor de (dreigende) grote boodschap was dat een tijdrovende verkleedpartij. Met een badpak en daarna een losse fietsbroek was ik misschien al de 8 minuten sneller geweest die me van de 15-uursgrens scheidden.
  • Haar/eerste wissel: als ik dan ook nog eens m’n haar in één keer goed had gehad… ik had het nu bij het zwemmen in een knot, dan zit m’n brilletje beter, maar daar past geen fietshelm overheen, dus ik moest het in de eerste wissel ‘omwerken’ tot een staart, en dat ging niet zo lekker met die witte vingers van na het zwemmen. Ik ben aan het studeren op een hoge staart, die bij beide sporten goed zit. En bovendien gaat dat lange haar er echt wel weer een keer af – ik laat het doorgroeien totdat ik het kan doneren; ik vind het leuk maar toch eigenlijk ook te onpraktisch (het was een experiment; ik heb nooit eerder lang haar gehad). 
  • Zwemmen: met mogelijk wat minder wedstrijdspanning zou ik de eerste 500 meter wellicht kunnen zwemmen in plaats van het ploeteren dat ik in Vichy deed.
  • Fietsen: die knieklachten van vlak van tevoren, en het ongemak dat ik op de dag zelve had, dat heeft toch echt wel gescheeld.
  • Lopen: ik was nog maar net terug op niveau na de voetblessure, en zeker niet in beste doen.
  • Algemeen: Voor mijn gevoel sta ik er op dit moment al stukken beter voor dan vorig jaar om deze tijd. Ik voel me veel beter, ik ben opmerkelijk fit zelfs, ik ben net met zwemmen al duidelijk progressie aan het boeken (zelfs sinds mijn post daarover ben ik alweer sneller, ik kan de zwembadklok soms niet geloven) en ik heb het idee dat dat met lopen ook nog kan.
2. Ik zou het graag een keer zonder pillen doen – omdat ik die hormoonsuppletie toch wel een beetje als doping heb ervaren, of in elk geval als kunstmatig ‘rechttrekken’ – hoe fijn het ook was om goed te slapen en verder ook van een boel hormonaal gehannes af te zijn. Ooit las ik ergens een opmerking op een forum van een leeftijdsgenote met ernstige overgangsklachten die vermoedde dat alle vrouwen van rond de 50 die nog tot serieuze sportprestaties komen wel aan de hormonen zouden zijn – want anders is sporten in de overgang toch onmogelijk, zoiets schreef ze (ik heb de post al eens gezocht, maar helaas niet meer teruggevonden, ik dacht dat het op SlowTwitch was). Ik denk dat niet; ik zie ook wel voorbeelden om me heen van vrouwen van rond de 50 die prima presteren en die ook helemaal nergens last van hebben. Maar ik ben zelf zo’n voorbeeld (nog) niet. Wel heb ik sinds ik ben gestopt met die hormoonpillen ook afgerond nergens last van, en in dat opzicht zou het dus ‘pilloos’ kunnen.
 
3. Het kan qua training best nog wel een keer. Ik ga al een marathon lopen, is het plan, en opbouwen naar het marathonrevolutie-maximum van 42 weekkilometers is (zonder blessureleed) geen grote toer. Als ik van de zomer weer van die leuke zwemtochten wil doen, kan ik sowieso al zo’n 3 km zwemmen. En fietsen is sowieso het probleem niet, zeker niet als ik eens met manlief meefiets in diens Ironmanvoorbereiding of me toch wil voorbereiden op onze fietsvakantie in Nieuw-Zeeland. Dan is het hooguit een beetje puzzelen wanneer die drie dingen dan samen zouden kunnen vallen met elkaar en met een mogelijke Ironman/andere hele triathlon. Een optie is om er eentje te doen in Australië voordat we aan die fietsreis beginnen, maar dat heeft wel wat logistieke voeten in de aarde.
 
Belangrijkste redenen om het niet te doen:
  • Het bij die ene keer houden heeft zo z’n charme. Voicu, met wie ik de laatste kilometers in Vichy samen liep, vertelde dat er geen enkele Ironman zo indrukwekkend was als zijn eerste.
  • Ik reken me hierboven met wat er beter kan dan in Vichy wel een beetje rijk, want er kunnen ook een heleboel dingen slechter natuurlijk: slechter weer, lekke band, blessures…
  • Ik moet het benodigde trainen niet onderschatten. Het is een tweede keer misschien iets makkelijker, maar dan nog vraagt het wel een toewijding die ik niet steeds wil opbrengen, omdat mijn leven daarvan te eenzijdig wordt.
Ik ben er nog niet uit – de ene dag neig ik meer naar wel, de andere dag meer naar niet. Ik wil sowieso wachten met de knoop doorhakken tot na de marathon. Want ik moet eerst nog maar eens zien of het nou wel wil lukken om 42 kilometer te blijven hardlopen. Mezelf door die afstand heen blijven martelen, daar houd ik echt wel een keer mee op. Dus voorlopig laat ik het lekker nog even doorkriebelen!
 
Door |2017-01-14T13:33:23+01:0014 januari 2017|Triathlon algemeen|1 Reactie
Ga naar de bovenkant