Toen ik zondagochtend ergens op een blubberig weggetje in Zeeuws-Vlaanderen eenmaal goed op dreef was op de fiets en constateerde dat mijn benen het prima deden, voelde ik een steek van geluk: wat leuk is dat toch, triathlonnen! Na dik 15 maanden weer! En véél leuker dan run-bike-runnen! Mijn fietsbenen doen het na zwemmen veel beter dan na hardlopen; ik had net lekker gezwommen, ik voelde me net op tijd weer fit na een paar brakke dagen, het parcours was mooi, het was droog geworden na ’s ochtends vroeg regen en de wind was te doen na veel hardere op zaterdagavond – onze stacaravan stond er toen van te schudden.
Stacaravan? Ja, kort na het plaatsen van de vorige post zijn we vertrokken naar camping De Vogel. We hadden daar om dezelfde plek gevraagd als 4 jaar geleden: gelegen tussen wisselzone en zwemstart. Opnieuw was dat hartstikke handig. Vanaf ons balkonnetje achter was dit zondagochtend het uitzicht:

Het miezerde; wij zaten ondertussen nog lekker droog binnen, tot vlak voor de start:

Ideaal, erg relaxed starten zo, en nog een nazomers weekendje weg.
Iets minder relaxed was een beetje rommeligheid in de spullen. Henk had geen chip bij z’n materialen en ik wel een chip plus chipbandje, dat moet ik in een vlaag van verstandsverbijstering erbij besteld hebben – het is nummer zoveel, maar wel een grappige voor gebruik in Nederland:
Was in 2022 de triathlon in Hulst (toen nog Hengstdijk genaamd, dat is het dorp vlakbij; het is gemeente Hulst maar de stad is bijna 20 kilometer verderop) een volledig Vlaamse qua organisatie, dit keer was het een Vlaams-Nederlandse co-productie. De officials waren bijvoorbeeld van de NTB, maar er gold een afwijkende Vlaamse regel, namelijk dat al je spullen in een wisselbox moesten. Hier die van ons:

We hadden niet de indruk dat dat consequent gehandhaafd werd, dat was een beetje vreemd. Zo hadden mijn buren in de wisselzone geen box en zag ik variaties zoals schoenen náást de box. Tijdens onze 2e wissel liep er een official rond die aanmaande om alles in de box te doen, maar ik zag overal van alles rondslingeren. De coproductie had bovendien nog een andere consequentie voor mij, daar kom ik later op terug.
Okee, lekker gezwommen dus, 2 rondjes in de Grote Vogel. 3 minuten sneller dan 4 jaar geleden, maar dat zegt niet zo veel omdat afstand meten in open water niet zo precies is. Rolling start, daardoor geen wasmachine en slechts beperkte chaos. Water 18 graden, ik had m’n shorty alleen maar aan vanwege het wachten in de miezer voor de start. Beetje brak water, dat herinnerde ik me nog. Terwijl we zwommen, werd het droog – gelukkig.

Het fietsen, 4 rondjes in de polder, was best pittig in de toenemende wind en met zo veel nattigheid en blubber op de weg dat mijn fiets er onder het zadel achteraf zo uitzag:

Ik reed een wat hoger vermogen dan onlangs in de Hoeksche Waard (196 Watt NP),maar kwam toch een pak trager uit: 30,1 km/u. Met een totaalafstand van maar liefst bijna 46 kilometer is dit met 1u31 m’n traagste splittijd ooit in een kwart, denk ik, maar daar waren de omstandigheden dus naar. Mijn benen draaiden lekker; ik heb me wat ingehouden met het oog op het lopen. Meer dan bij een run-bike-run kon ik ‘pacman’ spelen: fietsers inhalen. Dat gaf me meer het gevoel mee te doen. De tijd vloog voorbij.
Het lopen, 5 rondjes over de camping, ging voor mijn huidige vorm supergoed. Ik had bij het begin van het trainen, 3 maanden geleden, bedacht dat er misschien nu al ongeveer 6’/km in zou zitten, en dat ik dan in mijn handjes zou knijpen. Welnu, ik liep op het bochtige parcours zelfgeklokt vlak 5’58, en ja, in die handjes kneep ik. Ik vond het heerlijk loopweer: veel zuurstof in de lucht, nog niet te warm. Ik haalde weer een paar mensen in, altijd bijzonder voor mij bij het lopen. Manlief haalde mij in, maar ik lag een rondje op hem voor en heb hem dus verslagen.
Ik finishte in 2:58:22, 8 minuten trager dan 4 jaar geleden, wat denk ik ongeveer 50-50 op het conto van de omstandigheden en van mijn vorm komt.
In mijn laatste rondje begonnen de huldigingen en ik hoorde dat het podium van de D50+ (er was geen aparte 60+) uitgesteld werd omdat die nog niet allemaal binnen waren. Dat gaf me hoop. Kort na mijn finish hoorde ik tot mijn verbazing slechts 2 vrouwen het podium op geroepen worden, en als ik het goed hoorde, was de nummer 2 trager dan ik. Huh?

Hier hoor ik bij! (foto organisatie)
Bij de tijdwaarneming gaven ze opheldering: ik stond als man geregistreerd. Ze hebben het ter plekke gecorrigeerd en in de uitslag sta ik wel als vrouw. Grappig detail: ik zou 2e geworden zijn van de 3 D50-deelnemers, en dan waren de nummers 1 en 2 zestigers die de ene vijftiger verslagen hadden. Wel heel weinig leeftijdsgenotes overigens, op 189 finishers. Ik werd 163e, manlief 171e.
Eenmaal thuis heb ik nog even gekeken en toen kon ik zien dat ik in de gegevens bij de Vlaamse bond inderdaad als man stond:

Ik heb dat bij die bond, voor zover ik me kan herinneren, nooit zelf ingevuld, dus dan hebben ze dit verkeerd overgenomen uit de NTB-gegevens ofzoiets. Jammer dat ik het niet eerder had gecontroleerd, maarja, waarom zou ik? Nouja, het kostte met het mislopen van het podium.
De rest van de middag hebben we gekeken bij de teamwedstrijden van de 4 Nederlandse divisies, die 2 aan 2 een halve sprint aflegden. Dat was leuk om te zien. Tussendoor en erna keken we ook sport, maar dan op tv: WK tijdrijden en opnieuw een dikke overwinning van Feyenoord – helaas zat Henk niet in de Kuip. We dronken er het drankje bij dat we na de finish kregen:

Helaas geen medaille – we hoorden per mail vandaag dat die niet op tijd waren geleverd ofzoiets. We staan ook niet op de foto’s, ondanks de beloofde ‘mooie fotoreportage’. Maar misschien komt er nog meer?
Al met al was het dus soms een tikje rommelig. Maar wel heel erg leuk! Ik doe nu een paar dagen rustig aan en dan komt triathlon #2!




Geef een reactie