Het wordt een jaarlijkse traditie: afgelopen zaterdag was ik voor de derde keer op rij naar de Looptrainersdag van de Atletiekunie om daar workshops te geven. Het was weer erg leuk.

Anders dan de vorige twee jaren ben ik al op vrijdag naar Papendal gegaan. Ik had dat al vroeg bedacht: het is een eind rijden en ik had op zaterdagavond ook nog een concert, en dan ’s ochtends heen rijden zou de dag erg lang maken. Maar, zo had ik bedacht, ik zou het af laten hangen van het weer, want ik ging het alleen doen als ik vrijdagmiddag een rondje zou kunnen gravelen. Daar leent de omgeving van Papendal zich erg goed voor.

Nou, het weer had ik me niet beter kunnen wensen. Wat een mazzel, zeg – het leek wel (na-)zomer. Ik heb enorm genoten van de zon op de herfstbladeren:

Het werd natuurlijk wel vroeg donker en de route bleek op sommige plekken technisch lastig, dus ik moest ‘m inkorten, maar dat maakte de lol niet geringer. Heerlijke fietsmiddag!

En zodoende was ik zaterdagochtend vroeg genoeg om de plenaire opening bij te wonen, samen met de wel 1100 aanwezigen – al was dat wel zittend op de grond kijken naar een scherm (niet de handigste zaalopstelling, vond ik):

Michel Butter sprak er enkele behartigenswaardige woorden die ik in mijn workshops terug kon laten komen, over het belang van plezier en over hoe je van blessures kunt leren.

Mijn eigen workshops gingen weer goed, vond ik. Volle bak, twee keer (35 trainers per groep). Ik gaf eerst de algemene ‘Optimaal training geven aan ouder wordende lopers’ en daarna de wat specifiekere ‘Zin en onzin o ver hardlopen in de overgang’. Ik had allebei een klein beetje aangepast op basis van voortschrijdend inzicht. Het was allebei de keren lekker dynamisch, dus met veel inbreng van de deelnemers. Daar leer ik elke keer weer van!