Vanaf eind augustus staan er 3 triathlons in mijn agenda: Hoeksche Waard (kwart), Hulst (kwart) en Zierikzee (achtste). Dus wist ik wat me te doen staat nu: mezelf van vakantiefietser omturnen in triatleet. Weer gaan hardlopen en fietsen; fietsconditie onderhouden en toespitsen.
Nou, dat viel even tegen. Vond ik.
Nouja, één ding viel mee: ik ben fit van vakantie teruggekomen en dat ook gebleven. Vorig jaar lag ik meteen de eerste week thuis ziek op de bank, en dat was toch een beetje schrikbeeld. Ik zei het nog in Pamplona bij de fietsbus: hierin geen corona oplopen please. Dat is gelukt.
Maar ik heb nog geen structuur in mijn trainingen omdat de omstandigheden niet mee zaten:
- De eerste week thuis was chaotisch, net een beetje meer dan verwacht. Na 6 weken weg van huis is er een boel te ordenen, op te ruimen en weer in gang te trekken. Er lag een berg was en schoon te maken kampeerspullen, de tuin was een jungle, de anti-spam-beveiliging van dit blog was verlopen en bleek er 1 ‘echte’ reactie tussen 250 spamgevallen te zitten, ik moest dingen regelen omdat er een hele week geen treinen reden hier (dat nieuws was ons overvallen), ik was nog vol van de vakantie en uitte dat onder andere in het schrijven een boel blogposts – dat soort dingen, en dan nog een boel meer. Dat laatste was erg leuk om te doen, net zoals het bijpraten met buren, vrienden en partijgenoten. Het kostte me een week om orde te scheppen.
- Mijn achillespees had echt wel rust nodig. Het gaat nog steeds een beetje op en neer. Hardlopen gaat goed en ik heb al dagen gehad die helemaal okee waren, maar soms heb ik ineens last van een klein stukje wandelen, of van een misstap ofzoiets thuis. Dan meldt-ie zich weer. Niet veel pijn, maar ook nog niet helemaal 100 % dus.
- Begin deze week kreeg ik mijn 2e gordelroosvaccinatie. Ik was er nog net wat beroerder van dan van de 1e: slecht geslapen, misselijk, paar uur op de bank gehangen, grote rode vlek op een pijnlijke arm – sporten uitgesloten. Na 24 uur was het ergste leed geleden, maar nog een dag extra deed mijn lijf het graag kalm aan. Ik besloot daarom die avond onderweg naar Wemeldinge dat ik in de Oosterschelde alleen ging afkoelen, niet ‘serieuzer’ zwemmen dan dat. Dat was verstandig, denk ik, en het was prachtig:

Aansluitend gebeurden er twee dingen tegelijk die allebei knap ontregelend waren. Allereerst werd het snikheet. Hier geen code rood, maar toch wel echt serieus heet (gister 35 graden). Ik kan er redelijk tegen en voelde dat het wende, maar toch slurpt het aandacht en energie. De hitte in huis liep bovendien verder op dan anders, want tegelijk begon bij ons het werk aan een nieuwe badkamer. Dat was hoognodig – er groeiden paddenstoelen op het douchemuurtje en bij het slopen bleek dat dat op instorten stond. Zo kwamen de werklui meer ‘bouwfouten’ tegen. Fijn om die op te lossen en straks een badkamer te hebben naar onze smaak.
Maar de timing was ongelukkig. Zo liepen de 2 bouwers vanwege het slopen woensdag de hele tijd in en uit, waardoor de buitendeuren open bleven en de hitte dus onbelemmerd naar binnen kon stromen, de keuken in. Daarbij werd mijn werkkamer te heet en in de woonkamer kon ik niet werken vanwege de onrust en de herrie. Met ook nog eens geen treinen moest ik voor het eerst ooit uitwijken naar een werkplek elders.
De dagen erna had ik weliswaar geen dringend werk, maar gingen vanwege de hitte enkele andere afspraken niet door , waardoor ik nog meer bovenop de chaos thuis zat. Gistermiddag zijn we het maar ontvlucht door naar de film te gaan. Dat was leuk en lekker, maar ik heb er wel na thuiskomst, op het heetst van de dag, voor gezorgd dat het huis een beetje leefbaar werd voor het weekend. Terwijl ik aan het vegen was, hoorde ik dat de Kuiprun die voor morgen op het programma stond, werd afgelast. Helaas, al maakt dat voor m’n hoeveelheid sporten niet uit – dan morgen maar een ander stukje lopen.

Collage van badkamerverbouwingstaferelen. Denk hier 35 graden bij, plus drilboorgeluiden.
- Fietsen en zwemmen gaan wel in de hitte en vandaag is het ‘maar’ 30 graden, maar toen ik vanochtend een rondje wilde gaan fietsen, ging het onweren, veel vroeger dan verwacht, met rukwinden. Het bleef de hele dag zo instabiel dat ook het afgesproken zwemmen ’s middags geen goed idee was. Exit laatste kans op zwemmen deze week. Het zit gewoon echt niet mee!
- Komende week heb ik een werkpiekje met reizen naar Den Haag en Amsterdam, met overnachting – dinsdag en donderdag zit trainen er niet in.
- En dan kwam er nog bij dat m’n triathlonfiets kuren heeft. Ik realiseerde me dat ik die fiets een jaar nauwelijks heb gebruikt, dat is er nooit goed voor. Ik ben ‘m komende week kwijt voor een reparatie aan de trap-as en ik moet nog verder onderzoeken wat er met de achterband is, of er gewoon maar een nieuwe op doen, waar ik het afgelopen week te heet voor vond: ik krijg ‘m niet hard genoeg opgepompt en dan ga ik na een half uur fietsen zwabberen.
Ik voel dan zo’n onvrede opkomen, zo van: wat doe ik toch weinig, ik raak m’n vorm kwijt, ik word vadsig!
Maar dan denk ik, en zeg ik tegen mezelf: kijk naar dat rijtje bullets, laat dat eens tot je doordringen – wat had je wanneer dan méér willen doen, zonder door te draaien?
Bovendien: er gaan dingen al best wel goed. Ik heb het hardlopen alweer op kunnen bouwen tot 4 kilometer, ik heb in die eerste week thuis wel 3 keer gezwommen, waarvan 2 keer lekker zonder wetsuit in open water, ik heb testritjes gereden op de triathlonfiets, ik heb allerlei verschillende yoga gedaan voor weer wat meer veelzijdigheid in m’n bewegen, en vanmiddag ben ik uiteindelijk uitgeweken naar Zwift – met onze gloednieuwe ventilator erbij.

Weer wat geleerd: dan kan Zwiften dus bij 30 graden. Zo deed ik bovendien m’n eerste intervaltraining.
Dat was allemaal fijn, maar het voelt als weinig, zeker ten opzichte van weken van 500 kilometer fietsen. In mijn ideale wereld had ik deze week ook nog drie keer gezwommen, een lange duurrit gedaan van 3 uur of meer, en krachttraining.
Uh, ja. Misschien is dat sowieso alleen mogelijk in een ideale wereld.
De komende weken ga ik op zoek naar een goede balans in mijn voorbereiding op die triathlons. En voor de zoveelste keer zeg ik tegen mezelf: (1) wees mild, en (2) accepteren, die omstandigheden – er zit niks anders op!




Geef een reactie