Over drie onderwerpen waarover ik onlangs heb geblogd, heb ik een aanvulling. Het gaat om Action Type, de overgang en de e-bike. Hier komen ze:

Over Action Type bedacht ik later nog een vraag. In de cursus ging het er steeds over dat je je motorische voorkeuren moet benutten om optimaal te presteren. Dat snap ik. Maar is het om optimaal ouder te worden niet juist ook goed om ánders te bewegen dan je motorische voorkeur? Het is bij het ouder worden een bekend verschijnsel: je gaat steeds meer staan naar je steeds dieper ingesleten vanzelfsprekende bewegingspatronen, en dat kan zo ver gaan dat dat andere manieren van bewegen belemmert, en uiteindelijk zelfs je voorkeursmanier. Ik heb dat zelf al gemerkt toen ik alleen maar fietste: dat is motorisch zo makkelijk dat ik een boel coördinatie in andere richtingen dan rechtdoor verloor, en uiteindelijk last kreeg van m’n bekken en onderrug. Ik moest júist roteren, keren en draaien, om in die richtingen sterk en soepel te blijven. Tegen mijn voorkeur in. Ik weet niet of het bij het type motorische voorkeuren van Action Type ook zo werkt, maar ik kan het me zo voorstellen. Op het scherm verscheen op een gegeven moment een tekening van iemand een bepaalde voorkeur, en die had bijna een bochel. Er klonk wat gegrinnik uit de zaal: alle ouderen krijgen die voorkeur. Dat is niet zo, maar ik kan me voorstellen dat mensen met die motorische voorkeur inderdaad eerder en erger krom gaan lopen als ze ouder worden. Zouden die daar ’tegenin’ moeten oefenen om daar geen of minder last van te krijgen?

* * *

Over de overgang verscheen een week na het NRC-artikel waar ik het ook over had een ingezonden brief van Lisette Thooft die ik met instemming las, zeker ook vanwege haar kritiek op het ‘oestrogeentekort’, waar ik ook over struikelde:

Geen fout van de natuur

In het artikel over hormoonsuppletie bij overgangsklachten (22/11) wordt stress genoemd in een enkel zinnetje „En stress is een enorme boosdoener.” Waarom krijgen we geen serieuze informatie over het effect van stressvermindering op overgangsklachten? En waarom zo weinig over leefstijl, voeding, slaaphygiëne, schermgebruik, relatieproblematiek en zingeving?

De vanzelfsprekendheid waarmee gesproken wordt van een vermeend „tekort/gebrek aan oestrogeen” in en na de overgang vind ik nogal onthutsend. Vrouwen zijn ná hun vruchtbare jaren óók toe aan een ander leven, met minder geslachtshormonen en met meer zelfzorg: meer ruimte voor ontspanning, autonomie, voor de behoeften van hun ziel.

De menopauze is geen fout van de natuur die we kunnen rechtzetten met medicatie, maar een biologisch, psychologisch, sociaal en cultureel belangrijke periode in vrouwenlevens. Een overgang die ons voorbereidt op een volgende levensfase, met wijsheid en innerlijke rust.

Voor het voorbereid worden op een volgende levensfase hoorde ik nog een mooie metafoor in het filmpje van een lezing van professor Ellen de Bruijn: de overgang is als een verbouwing van je keuken. Het is nodig want de oude keuken (je vruchtbare lijf) voldoet niet meer, het een tijd stressvol en een boel gedoe, maar het levert uiteindelijk wel een mooie nieuwe keuken op. Zo is het, al zou ik daar wel bij aantekenen dat die ‘keuken’ wel ook een jaar of tien ouder is geworden in de tussentijd. Ik bedoel: veroudering gaat gewoon door in de jaren van de overgang. En op z’n slechtst in de overgang had je mij met die metafoor niet getroost, daarvoor was het ‘gedoe’ toen te ingrijpend. Dat filmpje is trouwens een mooie introductiecursus over de rol van de vrouwelijke geslachtshormonen in de levensloop – niet alleen de overgang dus, maar dat gedeelte is wel ook gewoon goed.

* * *

Over de e-bike vond ik medestanders in de vorm van twee sprekers op het Fietssymposium, georganiseerd door enkele Statenfracties waaronder die van GroenLinks-PvdA. Het ging over een heleboel: mobiliteit, veiligheid, fietsparkeren… én gezondheid. Sportarts Maarten Koornneef en professor Frank Backx, leden van het Expertpanel Fietsen en Gezondheid, presenteerden resultaten van onderzoek waaruit blijkt dat de opmars van de e-bike een negatief gevolg gehad heeft voor de volksgezondheid: er worden in totaal minder minuten gefietst, zeker door jongeren, en wat e-bikers op de fiets afleggen, is te weinig intensief voor een serieuze gezondheidsbijdrage. Per kilometer scheelt het 53 procent!

De beide sprekers lieten zien dat er een samenhang is tussen intensiteit en gezondheidseffect, en die is niet lineair: hoog intensief sporten legt per tijdseenheid veel meer gewicht in de zaal dan matig intensief, laat staan extensief. Ze raadden iedereen, dus ook ouderen, dan ook aan om er af en toe stevig tegenaan te gaan, al is het maar maximaal een brug op rijden – even goed doortrekken doet al heel veel. Ik was blij dat te horen, want ik ga nog wel eens in discussie over of intensief sporten op hogere leeftijd wel goed en verantwoord is. Ja, mits geen hartproblemen. Gezonde ouderen mogen diep gaan, dat is juist goed.

Ik hoorde het met veel plezier aan, ik voelde me aan alle kanten bevestigd. Wat me ook aansprak: zij pleiten ervoor om de e-bike voor scholieren niet te normaliseren. Dus niet accepteren dat er op uitje meegaan die niet zelf trappen, er geen speciale fietsparkeerplekken voor maken, enzovoort. Bij jongeren hoort zelf trappen de norm te zijn. Ook zij zien met lede ogen aan hoe zeer de ondersteuning oprukt – ze hadden al een e-loopfietsje voor peuters gesignaleerd!