Tussen de run-bike-run en de volgende triathlon (morgen) zaten 3 weken. Daarin gebeurde een boel: ik moest eerst herstellen van de run-bike-run, wat 4 dagen duurde (het ging pas op donderdag weer lekker) en de laatste week stond alweer in het teken van goed uitrusten en herstellen. Dus maar anderhalve trainingsweek eigenlijk, met daarin maar liefst 4 evenementen! Verdeeld over de sporten: zwemmen, fietsen en 2X lopen. Allemaal geen hoofddoelen, maar wel leuk én goede training. Tussendoor heb ik ook nog ‘gewoon’ getraind, en alles bij elkaar heb ik volgens mij nog een stevige stap gezet. Met wel wat venijn aan de staart. Dynamisch dus – een verslag.
Evenement 1
Op zaterdag de 5e waren in Wilhelminadorp openwaterzwemwedstrijden, de Ganzetrek, in het kanaal waar ik vaker zwem. Manlief en ik hebben, met maar 3 anderen, meegedaan aan de ‘uitsmijter’ ervan: de recreatieve open water challenge over 1 kilometer. Dat was leuk: die wedstrijden hebben wel een relaxed sfeertje, het weer was goed, ik heb lekker gezwommen en ik was tevreden met mijn tijd, zo’n 21 minuten. Klein detail: ik ben voor het eerst onder de brug door gezwommen. Dat mag namelijk gewoonlijk niet, er staat een zwemverbodsbord (klein maar te zien op de foto hieronder), en daar houd ik me braaf aan.

Evenement 2
De dag erna hebben we meegedaan aan de Koppeltijdrit Hoeksche Waard – die hadden we vaker gedaan en het is een van de weinig dingen die we echt samen kunnen doen: ik op de triathlonfiets voorop als gangmaker, deelnemer Henk in mijn wiel. Tussen de tijdrit- en fietscracks worden we dan met de reële tijd nog steeds laatste, met de leeftijdsbonificatie nipt een-na-laatste, en met 38’54 over een dikke 21 km (waarin ik 213 Watt NP reed) was dit niet onze snelste koppeltijdrit – maar we waren dik tevreden: het was onze best uitgevoerde koppeltijdrit ooit. In eerdere is of hij of ik wel eens kapot gegaan op het eind, en ik heb Henk ook wel eens uit het wiel gereden zonder het te merken. Dit keer was optimaal. Met wind mee moest ik iets inhouden en verder was het volle bak en dat ging mooi vlak over de 3 rondes. Henks tijd telde en hij kon zelfs nog net uit mijn wiel sprinten op het eind, terwijl ik op apegapen lag.
De rit is te volgen op de foto’s van Thom van Dijk (dank!) hieronder. De startdame links op de eerste foto vond onze tenues het mooiste van allemaal, dus die prijs hadden we meteen binnen. Op de achtergrond zie je een glimp van het andere stel van oudere man gegangmaakt door vrouw – veel jongere vrouw, en ze waren een pak sneller. Maar dat mocht onze pret dus niet drukken.

Klaar voor de start

Het vertrek

Doorkomst na 1 of 2 van de 3 rondes

Finish

Na afloop
Evenement 3
Op 11 september was de Stadsloop in Goes. Henk deed daaraan niet mee, want hij is daarvan inmiddels de wedstrijdorganisator – hij was wel vol in actie, gelukkig ging alles goed. Ik was tot het laatste moment stand-by als vrijwilliger, maar ik kon toch meelopen. Ik had al een stevige trainingsweek achter de rug, paar keer slecht geslapen, en ook op andere vlakken wat ‘gedoe’ gehad, en toen was op vrijdagavond het beste er wel van af. Ik vroeg me af of ik met moeie benen 6’/km kon lopen over 8 kilometer, dat was mijn doel. Maar slingerend tussen de gebouwen van de Goese binnenstad (mooi parcours!) maakte mijn horloge er een potje van. Ik ging daardoor te hard, blies mezelf op, moest in de 2e ronde even wandelen, balend als een stekker omdat ik dacht die 6’/km in de verste verte niet te kunne halen. En dat ook nog eens weer diep in de achterhoede, zoals dat in Zeeland zo vaak gaat.
Toen dacht ik: ik zie wel, ik laat me niet kisten, ik ga gewoon lekker lopen. En toen liep ik de resterende kilometers ontspannen in precies die 6’/km en finishte ik binnen de 48′. Daar was ik blij mee – dat ik dat kan na nog geen 3 maanden hardloop-opbouw. Ik had er ook nog 13 achter me, van de 183 deelnemers. Okee dus, alleen de manier waarop verdient niet de schoonheidsprijs: ik vond het wel een confronterende les in sporthorloge-afhankelijkheid. Ik neem mezelf voor de komende tijd een keer een 10 te lopen zonder horloge.
Het is me bij de stadsloop toevallig gelukt om op precies 0 foto’s te staan, behalve dan op de ene die Henk van me nam, binnen in de Grote Kerk die als kleedkamer dienst doet:

Het was wel ook super gezellig, want daar doen natuurlijk een boel bekenden uit de buurt aan mee.
Evenement 4
Tot slot van de evenementen was op 13 september de uitgestelde Kuiprun – van toen het er in juni te warm voor was (het was helemaal niet zo heet die dag, ik denk dat de eerlijke reden eerder was: met het oog op de hulpdiensten te kort na code rood). Nicole en ik hadden hem vorig jaar gedaan en besloten dat Feyenoordfan Henk ook ‘moest’. Dus dit keer waren we met 3. Het regende, maar verder was het gewoon lekker loopweer en een grappig evenement waarin het meer gaat om Feyenoord, voetbal en Rotterdam dan om hardlopen. Henk startte in een eerdere wave, Nicole en ik samen en we hebben samen gelopen, met af en toe een stukje wandelen tussendoor. De grote verrassing van het parcours, Varkenoord, de spelerstunnel en het rondje om het veld, was er na vorig jaar af, maar het blijft toch heel erg gaaf. Op Strava’s GPS-kaartje is de doortocht door de Kuip goed te zien:

Henk had z’n camera mee:



Waar de oorspronkelijke datum en ook vorig jaar na het seizoen waren, was dat nu anders. Het is bijzonder dat het mag, in het seizoen door het stadion hollen met duizenden lopers. Met ook nog de 0-7 later op de dag was het een mooie Feyenoord-dag! En gezellig – Nicole had ook nog roti’s voor ons gemaakt als lunch, jummie!
Hier de ‘oogst’ van de evenementen: 3 medailles (bij de stadsloop alleen een appel en water), toch altijd leuk:

En de rest
Verder heb ik ook nog ‘gewoon’ getraind. Meest memorabel vond ik de twee keer zwemmen tussen Wemeldinge en Kattendijke, met het ‘K-W-groepje’ (WhatsApp-groep die onderling afspreekt om samen te zwemmen). De eerste keer (W-K vorige week woensdag) was mijn traagste ooit, voor zover ik me herinner; de tweede (K-W afgelopen maandag) de snelste. Dat scheelde 50 %: 50 versus 75 minuten. Huh? Ja, dat zit ‘m in de omstandigheden. Het is weliswaar altijd met de stroming van het getij mee, maar de kracht daarvan verschilt. De vloedstroom maandag was sterk; het voelde als door de Oosterschelde scheuren. Er was nauwelijks wind, en wat er was, hadden we mee; de Oosterschelde was vlak en helder – erg mooi. Op de woensdag daarentegen hadden we stevige wind tegen en was het dus boksen tegen de golven – een pittig tochtje! We bleven expres dicht langs de kust, dieper hadden de golven witte koppen. Dat spel met de wind en de golven heeft ook wel wat en het voordeel van onstuimig water is dat de kwallen dan dieper zitten. Het contrast tussen deze twee keren zwemmen maakte dit openwaterseizoen nog memorabeler, en hopelijk zit het er nog niet op. Het water is nog hartstikke lekker: dik 19 graden.
Verder fietste ik een solo-ronde die ik nog niet eerder had gedaan: rond de Oosterschelde, prachtig en erg goed voor mijn hoofd. Ik reed onder andere over de afgesloten en dus stille Zeelandbrug. Op weg daarheen zag ik een echte, heuse kwals. Ik leg op mijn andere blog uit wat dat is.

Kwalsen!
Ik ben nog een keer kort wezen zwemmen in datzelfde kanaal als de Ganzetrek om weer even te wennen aan m’n wetsuit, want daar had ik sinds juni vorig jaar niet meer in gezwommen en misschien wil ik dat aan bij de komende triathlons – hangt af van de watertemperatuur. Ik heb ook nog 2 ritjes op Zwift gedaan, die tijd van het jaar komt er weer aan. De eerste rit daarvan was een zware groepstraining en die heb ik afgebroken. Combinatie van stress/slechte nacht, nog niet hersteld en gewoon een te zwaar programma. Een ‘workout’ in mijn eentje 2 dagen later ging wel goed en was leuk. Met een paar intensieve trainingen heb ik hopelijk nog wat gesleuteld aan de wat tegenvallende fietsvorm.
Nouja, en dan nog een lange, zware koppeltraining, 2 rustige techniektraining in het zwembad, een keer krachttraining en een paar keer yoga. Dat laatste schoot er in die middelste week wel wat bij in maar dat heb ik afgelopen week goedgemaakt, altijd lekker in de aanloop naar een wedstrijd. Alles bij elkaar heb ik veel gedaan, maar niet te veel, en nog een aardige stap gezet. Ik ben blij met hoe ver ik ben gekomen, na 3 maanden triathlontraining.
In deze laatste week zat helaas wel wat venijn: na een klein jaar van (bijna) afwezigheid dook m’n onverklaarde periodieke buikpijn weer eens op, en stevig ook. Die ondermijnt m’n fitheid sowieso, en ik heb er ook een paar keer slecht door geslapen. Afgelopen nacht ging dat weer goed en vandaag is het wat beter, dus hopelijk kan ik morgen wel lekker sporten.
Alles bij elkaar voel ik me een pak minder ontspannen en fit dan een paar weken geleden. Maar toen concludeerde ik: dat zegt niet zo veel over mijn prestaties of over mijn sportplezier. Ik ben benieuwd hoe het morgen gaat – mijn eerste triathlon in meer dan 15 maanden. Daar heb ik sowieso zin in!




Leuk om te lezen, weer, Louise! En wat een geweldige foto van Henk (‘na afloop’)! 😀