Maandarchieven: april 2026

De 6e van 5

Gister hebben Nicole en ik onze 6e van 5 vestinglopen gedaan. Huh? Het zijn er 5, zo staat het op de website, maar dit was echt onze 6e, want er is er eentje net afgevallen: die in Steenbergen, die deden we vandaag precies een jaar geleden. Die van gister is nieuw: Dordrecht. Het was, zoals altijd eigenlijk, weer een prachtig parcours door de binnenstad (sowieso mooie en historisch interessante stad) maar wel te krap om vrijuit te kunnen lopen, verder goed georganiseerd, een zeer gemêleerd en relatief jong deelnemersveld. Dit keer viel me op onze 5 kilometer de grote hoeveelheid vrouwen op: ongeveer 2/3e van het deelnemersveld! En tot slot een prachtige medaille:

Daar kwam  nog uitstekend hardloopweer bij, en een voordeel van Dordrecht ten opzichte van Steenbergen, Hellevoetsluis en (vooral) Willemstad is dat het prima bereikbaar was, in een mooie wandeling vanaf het station, met op de terugweg een pauze op een terrasje.

Ik ben de eerste 2 kilometer bij Nicole gebleven en heb daarna gas gegeven, voor wat het waard was in het inhalen-met-slalommen, wat wel leuk was trouwens. Maar veel fut zat er ook niet in mijn benen. De laatste weken hebben erin gehakt: ik was uiteindelijk bijna 2 weken verkouden en heb in de week na de Paastrofee een paar keer ’s nachts gehoest. Ik vermoed daar ook wat hooikoorts bij, niet veel last van, maar ik heb ook wat geïrriteerde ogen af en toe. Daarna volgden nog een paar slechte nachten, onder andere in Den Haag waar ik was voor werk en m’n draai niet kon vinden in het hotelbed – want het was ook nog best wel druk met werk af en toe. Direct daarna kreeg ik woensdag een vaccinatie tegen gordelroos (nouja, kreeg: ik heb ‘m zelf betaald, ik vis net achter het net van het nieuwe landelijke programma). Daar ben ik best even brak van geweest. Ik zei voor de start tegen Nicole: ‘ik ben net op tijd weer fit’, maar als ik voelde hoe moe ik ’s avonds was, was dat nog niet zo. Nouja, geen ramp. De laatste nachten slaap ik weer prima, dus ik kom wel weer bij.

In elk geval: ik finishte uiteindelijk in 33:08, en dat is in dat veld heel gemiddeld, maar wat maakt het uit. Het was vooral gewoon heel leuk.

Op 1 dingetje na: mijn horloge begaf het. Een knetterbelangrijk knopje, namelijk om te pauzeren, af te drukken én te synchroniseren, ging in een paar dagen van ‘niets aan de hand’ via ‘beetje stroef’ (inclusief wat pogingen met naaimachine-olie en dreft) naar ‘doet niets meer’. Klokken is nog net gelukt, maar synchroniseren niet meer. Ik heb het zelfs nog geprobeerd met een puntje van de medaille! Nouja, hij heeft het bijna 6 jaar gedaan; opvolger is al onderweg.

 

Over de gordelroosvaccinatie nog even: ik heb al 2 keer gordelroos gehad en de 2e keer, in 2011, ben ik er flink ziek van geweest, onder andere met 5 weken zenuwpijn en ellende in m’n oog. Dat ik het al 2 keer heb gehad betekent volgens mijn huisarts dat ik verhoogd risico heb op een 3e keer: ik ben er gevoelig voor en/of ben als kind per ongeluk tegen een agressieve stam van het waterpokvirus aangelopen. De immuniteit is zo’n 15 jaar, dus had ik al lang in gedachten dat het rond m’n 60e verstandig zou zijn om me te laten vaccineren. Voor mij is het ook nog eens bedrijfsbelang: het ziekzijn in 2011 heeft me meer gekost dan nu het vaccin. Want het is nu wel prijzig, € 365,95 (voor de twee spuiten want er volgt ook nog een herhaling), en ik vind het spijtig dat dus alleen rijkeren zich dat kunnen permitteren. Goed dat het vaccinatieprogramma er komt dus, maar dat had eerder en breder gemogen. Ik heb in 2011 de zorg ook flink wat gekost… Een beetje rottig was de vaccinatie wel, een dikke 24 uur lang: nachtzweten, moe, tegen de hoofdpijn aan, snotterig; m’n arm voelde ik zaterdag nog. En ik moet in juni nog een keer. Maar goed, ik heb dat er wel voor over.

Door |2026-04-20T10:44:27+02:0020 april 2026|Loop|0 Reacties

#37

Henk heeft gister voor de 37e keer de Marathon van Rotterdam uitgelopen! Hij behoudt daarmee z’n plek in het Super Marathon Master klassement, iets om trots op te zijn. Het was zwaar geweest, het koude drinkwater was ‘m niet goed bekomen, dus z’n tijd viel (4:19:56) niet helemaal mee, maar het gaat om finishen. Z’n startnummer was 337, maar met de medaille op de juiste plek is het net echt zo:

De medaille bedekt de 3, dus het lijkt startnummer 37 voor Henk

 

 

Door |2026-04-13T15:13:41+02:0013 april 2026|Loop|1 Reactie

Beetje reflectie

Vorige week dacht ik: ik ga voor dit blog eens een stevige reflectie schrijven over wat het voor me betekent om mijn seizoensdoel (weer) niet behaald te hebben, over omgaan met pech en over wat ik daar dan toch van geleerd heb. Ik had zelfs al wat aantekeningen gemaakt. Een week later denk ik: waarom zou ik? Ik heb lol gehad, ik heb goed getraind, wat zou ik me dan druk maken om die 13 of meer seconden? Bevestiging is lekker, maar een week later dus al niet meer zo belangrijk.

En zo is het. Nouja, wat ik wel meeneem, een rijke oogst toch wel weer:

  • Ik heb mijn trainingsaanpak niet kunnen evalueren, en dat is jammer. Dat is waar evenementen ook voor dienen immers: als je toewerkt naar een doel en je haalt dat, heb je het goed gedaan. Maar als je het niet haalt, kunnen er allerlei andere dingen een rol spelen, zoals die ‘omstandigheden’ (slecht weer, harde wind, verkoudheid). Ik weet daarom nu niet of ik bij de loopjes echt alleen maar door die omstandigheden heb ondergepresteerd of dat er ook iets anders meespeelde. Naast die trainingsaanpak misschien iets mentaals?
  • Een training ’telt’ voor mijn gevoel niet als bevestiging, of in elk geval minder dan een loopje. Ik weet niet precies waar dat ‘min zit, misschien heeft het iets te maken met het zichtbaarder zijn van m’n prestatie dan? Overigens is precies dit in een week tijd dus veranderd. Ik kijk op dit moment met meer plezier en tevredenheid terug op m’n intervallen.
  • Enig zelfonderzoek liet vorige week zien: ik wil graag bevestiging dat ik inderdaad nog steeds snelheid in mijn benen heb omdat dat ‘bewijst’ dat het nog wel wel meevalt met m’n veroudering. Dat past in mijn straatje natuurlijk en ook ik graag bevestigd wil zien dat ik nog niet aan het aftakelen ben (niets menselijks is me vreemd). Terwijl ik ergens ook wel weet dat de veroudering daadwerkelijk gaande is: ik heb deze winter veel moeten doen om terug te komen op m’n oude tempo, althans, in intervaltrainingen. Dat is wat ik sowieso signaleer: ik haal nog steeds oude waardes (fietsvermogen, looptempo) maar ik moet daar gerichter mee bezig zijn en het is dus ook moeilijker te combineren (duur én snelheid, fietsen én lopen).
  • Externe ‘omstandigheden’ (vooral: het weer) frustreren me meer dan interne (verkouden). Na die verregende en verwaaide testloop was ik té gefrustreerd, denk ik achteraf. Ik schreef het al eerder: ik moet nog werken aan het accepteren van tegenvallend weer. Die neem ik zeker mee!

 

Door |2026-04-11T21:39:49+02:0011 april 2026|Loop, Waarom|0 Reacties

Vergeven?

Ik eindigde m’n blogpost zaterdag met:

(Ik hoop wel dat de verkoudheid me de stevige inspanning vergeeft.)

Uh, nou… het kan toeval zijn natuurlijk, maar de nacht van zaterdag op zondag heb ik maar weinig geslapen doordat ik veel lag te hoesten. Uiteindelijk lukte het me om mezelf met paracetamol en een borrel knock-out te slaan, maar toen was het wel al tegen 2 uur. Pfff…

Desalniettemin voelde ik me zondag beter, nouja, wel slaapgebrek, maar minder verkouden. Maandag nog beter, en toen had ik wel zin in een lekker stukje fietsen. Dat werd 65 kilometer, met koffie bij een vriendin in Middelburg. Beetje snotterig nog, beetje hoesten, maar ook lekker. Zulk mooi weer, en de perenboomgaarden bloeien.

Alleen lag ik toen de volgende nacht wéér te hoesten. Dinsdag speelde het slaapgebrek me dan ook echt parten. Dus terug naar het voorzichtige regime van wandelen en yoga, en vandaag rustig zwemmen.

Inmiddels is het echt wel beter, maar ik snotter nog steeds wat. Best een langdurige, deze verkoudheid, ik zit op dag 11 nu.

Wat ik me nu dus afvraag: was dat nachtelijke hoesten een gevolg van het sporten? Ik heb dat sowieso wel meer, maar nu is het wel frappant. Ik kan me er wel wat bij voorstellen, iets van dat het ‘hardere’ ademhalen m’n luchtwegen extra irriteert.

Dus, vergeven? Ik weet het niet. Gelukkig niks ergers aan overgehouden dan wat slaapgebrek.

 

Door |2026-04-09T19:23:19+02:009 april 2026|Fiets, Loop|0 Reacties

De 3e 3: weer prijs 🤣

Dat seizoens-hardloopdoel van een Jaro-3-kilometer binnen de 15’30, dat is niet gelukt. Ook vandaag niet, bij de Jaro Paastrofee, mijn 3e 3 kilometer op de skeelerbaan in Goes. Maar ik kan daar wel mee leven en het was toch leuk.

Dat het niet zo snel ging als ik had gehoopt, lag niet aan het trainen sinds begin maart. Ik ben in grote lijnen doorgegaan op de manier van de hele winter. Dat wil zeggen met vier ingrediënten: rustige duurlopen (liefst met dip erin), langere intervallen op ongeveer de anaerobe drempel (minstens 1 km van lengte, maximaal 4 km in totaal), en twee soorten kortere intervallen: 7X400m en 12X200. Waar ik die eerder afwisselde, heb ik ze in de weken sinds de vorige testloop week-bij-week gedaan, opbouwend van rustige duur naar steeds harder. Elk ingrediënt steeds in die week twee keer: de eerste week twee duurlopen, de tweede week twee van die met lange intervallen, daarna twee met vierhonderdjes, en tot slot twee keer de tweehonderdjes. Daarbij nog één keer een ‘mislukt’ loopje toen ik te moe bleek voor intervallen, en vorige week de Oosterscheldeloop.

Dus 1o keer gelopen sinds de vorige testloop, grappig om dat zo precies te weten. Sowieso leuke manier van trainen, beetje anders. Het zou ook richting een piek moeten zijn: steeds korter, steeds harder.

Ik en 4 mannen met startnummers op.

Bij de start

Ik was benieuwd hoe dat zou uitpakken. Welnu, het trainen ging goed; voor mijn gevoel zette ik nog een heel klein stapje vooruit: ik liep de korte intervallen weer net wat harder. Alleen voelde ik bij de laatste twee intervaltrainingen dat ik niet hersteld was van de vorige. De Oosterscheldeloop zat daar kort op, en ook toen voelde ik wat vermoeidheid in m’n benen.

Dus dacht ik: laat ik tot de testloop eens een hele week niet lopen. Zelfs niet het puntjes-op-de-i-loopje dat wel eens doe in de week voor een wedstrijd (de i is dan een kilometer op wedstrijdtempo, de puntjes 5X100m voluit). M’n beste loopjes, zo ben ik nagegaan, volgden ook altijd op een hardlooploze week. Ik was dus van plan om een weekje rustig aan te doen, met een keertje zwemmen, beetje fietsen, wandelen, yoga.

Jan met notities

Jan houdt van iedereen het aantal rondes nauwgezet bij

Nou, dat werd nóg rustiger, tegen wil en dank, want maandag werd ik verkouden. Toen ik vorige week schreef dat het zo’n goede winter was geweest met maar 1 keer licht verkouden, dacht ik al ‘fingers crossed nog even’ want manlief was toen al 5 dagen verkouden en ik kon er nog niet zeker van zijn dat hij mij niet besmet had. Dus wel, helaas. Het is niet erg, ik heb geyoga’d en gewandeld en verder gewoon kunnen werken enzo. Het voelde elke dag alsof het morgen over kon zijn. Dat was steeds niet zo, het sleept maar voort; manlief is ook nog steeds bezig. Met een opvallende dynamiek: allebei voelen we ons ’s ochtends het slechtst, dan knapt het gedurende de dag behoorlijk op, en ’s avonds worden we vroeg moe. Het is wel frappant: ik heb inderdaad weliswaar twee goede winters achter de rug, maar de meeste narigheid op virusgebied speelt zich de laatste jaren buiten de wintertijd af, dus in de betere helft van het jaar, zoals corona en de zware ‘verhuisverkoudheid’ van 2 jaar terug.

Met dat gevoel van ‘morgen is het over’ leefde ik voor de Paasloop van vandaag tussen hoop en vrees. De laatste dagen neigde dat naar hoop. Het weer zag er, in tegenstelling tot de vorige keer, wél goed uit en ik had er wel zin in.

Vanochtend werd ik echter behoorlijk brak wakker, zelfs met een verhoogde rusthartslag, voor het eerst deze week. Hmm, wat zal ik doen? Een typische geval van zal-ik-wel (‘het is maar een verkoudheid en ik zie wel wat erin zit’) of zal-ik-niet (‘rust is nu het verstandigste’). In die twijfeltijd ging ik me weer wat beter voelen, en wat ook een rol speelde: het is gewoon een leuk loopje en ik gun Jan z’n deelnemers.

Dus wel. Wetende: goed lopen zit er sowieso niet in. Wéér pech.

Ik met verwrongen gezicht

Amechtig… nouja, dit was wel de eindsprint

Bij de warming-up had ik nog steeds geen idee wat er erin zat. Mijn benen voelden wel goed, maar als ik op m’n horloge keek, bleek m’n tempo steeds lager te liggen dan het voelde, haha. En snotteren en rochelen natuurlijk.

We startten en eigenlijk viel het eigenlijk niet tegen. Gek genoeg voelde ik meer macht in mijn benen dan vorige week – mogelijk zat de verkoudheid er toen al aan te komen? Het werd gaandeweg wel amechtig, maar dat is niet zo gek. En er stond ook toch best wel weer een geniepig windje.

Ik finishte in 15:42: sneller dan de vorige twee keren, dus een persoonlijk parcoursrecord, maar niet binnen de 15:30 die ik me ten doel had gesteld. Maar ook weer niet zo heel ver ervan af.

Dus: ik heb mijn seizoensdoel niet bereikt. Maar ik kan hier wel mee leven, en verder is er eigenlijk niet zo veel over te zeggen. Geen idee hoe veel harder ik had gekund als ik fit was geweest. Vast wel die 13 seconden toch?

Ik met zakje blauwe paaseitjes

M’n prijs!

En net als vorige week kwam er nog wel een grappig toetje. Op de foto bij de start is te zien dan ik op die afstand de enige vrouw was. Zodoende won ik bij de dames, en dat was dus nog een prijs ook: een zakje paaseitjes! 2 keer prijs in een week, dat heb ik nog niet eerder meegemaakt!

Manlief liep ook best een redelijke 5 kilometer, het was gezellig langs de skeelerbaan, met een aangename temperatuur en meestal een zonnetje. En zo gingen we tevreden terug naar huis. Inderdaad een geslaagde Paastrofee.

(Ik hoop wel dat de verkoudheid me de stevige inspanning vergeeft.)

Gezellig

Door |2026-04-04T19:47:16+02:004 april 2026|Loop|0 Reacties
Ga naar de bovenkant